Naar hoofdinhoud

Artikel 1.

Het leggen van kabels/leidingen

Onderdeel van Nadere regels (telecommunicatie) kabels en leidingen Ameland

1.. Bij het leggen van kabels/leidingen mag niet afgeweken worden van het in de vergunning/instemming goedgekeurde tracé, tenzij sprake is van onvoorziene omstandigheden bij de uitvoering van de werkzaamheden. Op dat ogenblijk vindt nader overleg met de gemeente plaats. 2.. De houder van de vergunning/instemming bepaalt voor aanvang van de werkzaamheden de juiste ligging van de reeds aanwezig kabels en leidingen door het (doen) graven van proefsleuven van voldoende omvang en diepte. 3.. De ligging van de kabels/leidingen dient te voldoen aan het gestelde in de normen NEN 1738 en NEN 1739 (ligging van kabels/leidingen buiten en binnen de bebouwde kom) en NEN 12327 (stalen kabels/leidingen boven 1 bar), tenzij partijen in onderling overleg anders overeenkomen. 4.. De onderkant van de kabel/leiding moet tenminste 20 cm vrij blijven van de bovenkant van eventueel in het tracé van de kabel/leiding aanwezig riolering. 5.. De vooraf opgenomen bestrating moet in goede aansluiting aan het bestaande werk worden herlegd overeenkomstig de oorspronkelijke opbouw en samenstelling. De bij het opbreken van de verharding vrijgekomen materialen (stenen, tegels e.d.) mogen indien onbeschadigd opnieuw worden verwerkt; beschadigde materialen moeten op kosten van de aanvrager worden vervangen. 6.. De aanvulling van de sleuven en ingravingen in wegbermen en taluds geschiedt met vrijkomende grond, die in drie lagen van gelijke dikte wordt aangebracht, welke afzonderlijk vast moeten worden gestampt. Het aanvullen onder het grondwaterpeil, mag alleen met de uitkomende grond geschieden indien deze grond uit zuiver zand bestaat. Waar dit niet het geval is, moet zuiver zand voor de aanvulling worden bijgeleverd. De bovenlaag moet humusarm zijn en wordt, in overleg, zo spoedig mogelijk na de afwerking ingezaaid met een bijpassend graszaadmengsel. 7.. Overtollig grond en puin wordt onmiddellijk afgevoerd. 8.. Binnen de wortelzone of de kroonprojectie van de bomen moet er advies van de boomdeskundige van de gemeente worden gevraagd. Hierbij wordt het advies van het norminstituut Bomen in acht genomen.

Rechtspraak bij dit artikel