Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.

Definities:

Onderdeel van Verordening Jeugdhulp en Wet maatschappelijke ondersteuning 2026

1.. De begripsbepalingen zoals opgenomen in de Algemene wet bestuursrecht, Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Jeugdwet zijn van toepassing. In aanvulling op het bepaalde in het eerste lid van dit artikel wordt in deze verordening en de daarop berustende bepalingen verstaan onder: 2.. Aanbieder: bedrijf of organisatie die Jeugdhulp levert naar aanleiding van een beschikking van het college of hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1.1.1. Wmo. 3.. Bijdrage (Wmo): bijdrage in de kosten van de te ontvangen hulp- en ondersteuning als bedoeld in artikel 2.1.4., eerste lid van de Wmo, te betalen door de cliënt. 4.. Cliënt: een Inwoner van Wijk bij Duurstede aan wie een maatwerkvoorziening in het kader van de Wmo is verstrekt, of een Individuele voorziening in het kader van de Jeugdwet of door/namens wie een melding is gedaan. 5.. College: College van burgemeester en wethouders van de gemeente Wijk bij Duurstede 6.. Domotica: (Technische) hulpmiddelen die Inwoners en hun mantelzorgers ondersteunen bij het langer zelfstandig thuis wonen. 7.. Eigen kracht: De eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de inwoner zelf of met behulp van het sociale netwerk om te voorzien in of bij te dragen aan het oplossen van opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische en lichamelijke problemen en stoornissen. 8.. Formele zorg: Zorg die geleverd wordt door een persoon die werkzaam is bij een formele organisatie of die: zelf is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel als zzp'er; beschikt over een AGB-code; als professional beschikt over een bij de zorgverlening behorende registratie (bij voorbeeld SKJ /BIG bij Jeugdhulp). 9.. Gemeente: Gemeente Wijk bij Duurstede. 10.. Gesprek: het contact door of namens het College na een melding of aanvraag en onderdeel van het onderzoek, waarin met degene die Maatschappelijke ondersteuning en/of Jeugdhulp zoekt zijn/haar gehele situatie wordt geïnventariseerd en vraagverheldering plaatsvindt om duidelijk te krijgen wat een inwoner nodig heeft om het gewenste resultaat van de ondersteuning te bereiken, overeenkomstig de vereisten van het onderzoek in de Wmo en/of de Jeugdwet. 11.. Hulp- of ondersteuningsvraag: Behoefte aan Maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 2.3.2 eerste lid, van de Wmo dan wel behoefte van een jeugdige of zijn ouders aan Jeugdhulp in verband met opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen, als bedoeld in artikel 2.3, eerste lid, van de Jeugdwet. 12.. Informele zorg: zorg en/of ondersteuning die wordt geleverd door iemand uit het sociale netwerk van de cliënt/inwoner of geleverd wordt vanuit vrijwillige inzet ten behoeve van de cliënt/Inwoner. Hieronder valt ook een zorgverlener die niet werkt bij een formele organisatie, niet is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, niet beschikt over een AGB-code, niet beschikt over de bij de zorgverlening behorende registratie ((bij voorbeeld SKJ /BIG bij Jeugdhulp). 13.. Inwoner: persoon die zijn hoofdverblijf heeft in de gemeente Wijk bij Duurstede, is ingeschreven in het Basisregistratie Personen en als ingezetene van deze gemeente beschouwd wordt. 14.. Jeugdhulp: Ondersteuning, hulp en zorg aan jeugdigen en hun ouders zoals omschreven in artikel 1.1. van de Jeugdwet. 15.. Kortdurend verblijf (Respijtzorg): Tijdelijk verblijf in een instelling ter ontlasting van de mantelzorger (niet zijnde kortdurend eerstelijnsverblijf dat medisch noodzakelijk is zoals bedoeld in de Zorgverzekeringswet) en wel maximaal 21 etmalen per jaar per cliënt. 16.. Leefeenheid: bestaat uit twee of meer personen; personen binnen een leefeenheid verblijven het grootste deel van de tijd samen in de woning; personen binnen de leefeenheid zorgen voor elkaar, financieel en/of medisch: personen hebben bijvoorbeeld een gezamenlijke bankrekening of zijn fiscale partners of hebben een samenlevingscontract. 17.. Loket: Centrale plek waar mensen terecht kunnen voor informatie over voorzieningen op het terrein van wonen, welzijn en zorg en voor ondersteuning op grond van de Wmo en de Jeugdwet, en waar ook de toegang tot maatwerkvoorzieningen (Wmo) of Individuele voorzieningen (Jeugdwet) geregeld is vanuit het Mandaat. In Wijk bij Duurstede: Binding. 18.. Maatschappelijke opvang: Onderdak en begeleiding voor personen die de thuissituatie hebben verlaten, al dan niet in verband met risico’s voor hun veiligheid, en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. 19.. Mantelzorg: Hulp die rechtstreeks voortvloeit uit een tussen personen bestaande sociale relatie en die niet wordt verleend in het kader van professionele ondersteuning of zorg en die gegeven wordt ten behoeve van zelfredzaamheid, participatie en/of het opvoeden en opgroeien van jeugdigen. 20.. Melding: het kenbaar maken van een behoefte aan Maatschappelijke ondersteuning of Jeugdhulp die door de inwoner/cliënt gedaan wordt bij Binding. 21.. Ondersteuningsplan: Plan waarin de gewenste doelen en resultaten van de ondersteuning staan en de wijze waarop deze behaald kunnen worden. 22.. Onderzoek: De periode van 6 weken waarin onderzocht wordt hoe de Cliënt bij zijn vraag en behoefte aan Maatschappelijke ondersteuning of Jeugdhulp zo goed mogelijk kan worden geholpen en wel overeenkomstig de vereisten van de Wmo en de Jeugdwet. Bij de Jeugdwet: de periode van 6 weken na melding waarbinnen samen met de inwoner vraagverheldering plaatsvindt en een ondersteuningsplan wordt opgesteld. 23.. Persoonlijk plan (Wmo): Plan waarin de cliënt en/of ouders, eventueel samen met het sociale netwerk, de in artikel 2.3 beschreven omstandigheden vastleggen en aangeven welke maatschappelijke ondersteuning naar hun mening het meest passend is. 24.. Primaat van verhuizen Wmo: Beoordeling op een aanvraag van een cliënt voor een Woonvoorziening in het kader van de Wmo, waarbij het College bepaalt dat de cliënt kan verhuizen naar een geschikte woning of een op een eenvoudige wijze of tegen lagere kosten geschikt te maken woning, welke verhuizing kan leiden tot het verminderen of verhelpen van de ervaren belemmeringen in de zelfredzaamheid of participatie. 25.. Sociaal netwerk Jeugdwet: Personen uit de huiselijke kring of andere personen met wie de jeugdige en/of de ouders een sociale relatie onderhouden. 26.. Vertegenwoordiger: Persoon of rechtspersoon die een cliënt vertegenwoordigt die niet in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen. 27.. Verslag: Schriftelijke weergave van het gesprek, waarin de gemaakte afspraken en bevindingen naar aanleiding van het onderzoek zijn vastgelegd door Binding. 28.. Voorziening: Een aanbod van diensten of activiteiten waarvan de Cliënt gebruik kan maken. De volgende soorten Voorzieningen zijn beschikbaar: Algemene voorziening Jeugdwet: Aanbod van diensten of activiteiten dat, zonder voorafgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de gebruikers, vrij toegankelijk is en dat gericht is op lichte ondersteuning in het kader van Jeugdhulp Algemeen gebruikelijke voorziening (Wmo): Een dienst, hulpmiddel woningaanpassing of andere maatregel die niet specifiek bedoeld is voor personen met een beperking, daadwerkelijk beschikbaar is, een passende bijdrage levert aan de zelfredzaamheid of participatie van een cliënt en financieel gedragen kan worden met een inkomen op minimumniveau. Dit laatste is het geval als voldaan wordt aan de criteria voor verlening van bijzondere bijstand bij aanvragen voor duurzame gebruiksgoederen: als binnen een termijn van 36 maanden kan worden terugbetaald bij een aflossing van 5% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm kan de voorziening gedragen worden met een inkomen op minimumniveau. Andere Voorziening: Voorziening anders dan in het kader van de Wmo of de Jeugdwet. Collectieve voorziening: Een algemene voorziening die specifiek gericht is op een bepaalde doelgroep en gedefinieerd is als dienst of activiteit, gericht op het versterken van zelfredzaamheid, participatie of opvang, en die zonder voorafgaand onderzoek toegankelijk is en waarvoor geen beschikking nodig is. Individuele voorziening (Jeugdwet): Een op de jeugdige en/of zijn ouders toegesneden niet vrij-toegankelijke voorziening die alleen na zorgvuldig onderzoek toegankelijk is voor jeugdigen en ouders zoals bedoeld in de Jeugdwet en waarvoor een beschikking nodig is. Ook wel aanvullende hulp genoemd. Wettelijk voorliggende voorziening: een voorziening op grond van de wettelijke bepaling, anders dan ingevolge de Wmo of Jeugdwet, waarmee de benodigde ondersteuning geheel of gedeeltelijk bereikt kan worden. 29.. Waakvlamzorg Wmo: Zorg of ondersteuning die, na afloop van de hulp- of ondersteuningsperiode, op indicatie en op verzoek van de cliënt gedurende een vastgestelde periode laagdrempelig kan worden ingezet, met als doel het voorkomen van terugval of escalatie door tijdelijke ondersteuning te bieden. 30.. Wmo: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. 31.. Woonvoorziening (Wmo): Niet-bouwkundige of niet-woon-technische ingreep in of aan een woonruimte. Dit zijn losse of roerende Woonvoorzieningen; 32.. Zorg in natura: Zorg of ondersteuning die in persoon geleverd wordt door een zorgaanbieder die een contract heeft met de Gemeente of door een leverancier of aannemer die in opdracht werkt van de Gemeente van een beschikking.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel