Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het maken of veranderen van een uitweg of het gebruik daarvan, moet de aanvrager de volgende gegevens verstrekken:
een plattegrond met hierop duidelijk de plaats van de uitweg aan de voor-, zij- of achterzijde van het perceel;
de afmeting van de nieuwe uitweg of de te veranderen bestaande uitweg en de beoogde verandering daarvan;
de aanwezigheid van obstakels voor het aanleggen of veranderen van de uitweg, zoals bomen, lantaarnpalen en nutsvoorzieningen.