Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.4 › Paragraaf 1.7

Artikel 1.7.3

Begeleiding (anders dan bij algemene dagelijkse levensverrichtingen)

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Steenwijkerland

1.7.3.1Kortdurende situaties Alle begeleiding van de inwoner door de partner, ouder, volwassen kind en/of elke andere volwassen huisgenoot is gebruikelijke hulp als sprake is van een kortdurende situatie met uitzicht op herstel van de zelfredzaamheid. Daarbij gaat het over het algemeen over een periode van maximaal drie maanden. 1.7.3.2Langdurige situaties Als het gaat om een chronische situatie is de begeleiding van een volwassen inwoner gebruikelijke hulp als die begeleiding in de persoonlijke levenssfeer aan elkaar moet worden geboden. Als geen sprake is van dreigende overbelasting of van medische beperkingen mag van een volwassen huisgenoot naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid worden verwacht dat niet specialistische taken worden uitgevoerd als gebruikelijke hulp. Dit is niet anders als de huisgenoot een druk bestaan heeft. Het gaat hierbij in ieder geval om de volgende vormen van begeleiding: het begeleiden van de inwoner bij het normaal maatschappelijk verkeer binnen de persoonlijke levenssfeer zoals het bezoeken van familie/vrienden, huisarts, enzovoort en bij maatschappelijke participatie; het bieden van hulp bij of het overnemen van taken die bij een gezamenlijk huishouden horen, zoals het doen van de administratie. Dit kan worden overgenomen door een huisgenoot als die taak altijd door de inwoner werd uitgevoerd; aansturing van beperkte aard, zoals het dagelijks ophangen van briefjes met taken die de inwoner die dag moet doen en het gedurende de dag regelmatig bellen om te checken of de inwoner iets gedaan heeft; het leren omgaan van derden (familie/vrienden) met (de beperkingen van) de inwoner.

Rechtspraak bij dit artikel