**1..** Na het melden van een hulpvraag, verzamelt het college, in overleg met de jeugdige en/of de ouder(s) de noodzakelijke en toegankelijke gegevens over de jeugdige en zijn situatie en maakt zo spoedig mogelijk een afspraak voor een gesprek.
**2..** Het college wijst voor het onderzoek op de mogelijkheid om gebruik te maken van een vertrouwenspersoon als bedoeld in artikel 2.5, van de wet en van gratis onafhankelijke cliëntondersteuning.
**3..** Voordat het onderzoek van start gaat, kunnen de jeugdige of zijn ouder(s) het college een familiegroepsplan verstrekken. Het college brengt hen van deze mogelijkheid op de hoogte en stelt hen gedurende twee weken na de aanvraag of het stellen van de hulpvraag in de gelegenheid het plan te overhandigen. Als de jeugdige of zijn ouder(s) daarom verzoeken, zorgt het college voor ondersteuning bij het opstellen van het familiegroepsplan. Het college betrekt dit plan bij het onderzoek.
**4..** De jeugdige of zijn ouder(s) verstrekken voorafgaand aan het onderzoek aan het college alle overige gegevens en bescheiden die naar het oordeel van het college voor het onderzoek nodig zijn en waarover zij redelijkerwijs de beschikking kunnen krijgen. De jeugdige of zijn ouder(s) verstrekken in ieder geval desgevraagd een identificatiedocument ter inzage als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht.
**5..** In het gesprek of de gesprekken over de hulpvraag tussen de jeugdige, de ouder(s) en het college en eventueel andere professionals kan gesproken worden over:
wat de hulpvraag van de jeugdige of zijn ouder(s) is en wat die hulpvraag heeft doen ontstaan;
de behoeften, persoonskenmerken en voorkeuren van de jeugdige en zijn ouder(s), de veiligheid en ontwikkeling van de jeugdige en de gezinssituatie.
of er sprake is van psychische problemen en stoornissen, psychosociale problemen, gedragsproblemen of een verstandelijke beperking van de jeugdige, opvoedingsproblemen van de ouder(s) of adoptiegerelateerde problemen, en zo ja dan onderzoekt het college achtereenvolgens:
welke problemen of stoornissen dat zijn;
welke hulp naar aard en omvang nodig is voor de jeugdige om, rekening houdend met zijn leeftijd en ontwikkelingsniveau, gezond en veilig op te groeien, te groeien naar zelfstandigheid en voldoende zelfredzaam te zijn en maatschappelijk te participeren;
of en in hoeverre de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de ouders(s) en van he sociale netwerk toereikend zijn om zelf de nodige hulp en ondersteuning te kunnen bieden; en
voor zover de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen ontoereikend zijn, de mogelijkheden om met de inzet van een andere voorziening, overige voorziening of individuele voorziening te voorzien in de nodige ondersteuning en hulp.
**6..** Het college bevordert het gebruik van voorliggende en preventieve voorzieningen, zoals opvoedondersteuning, algemene voorzieningen en ondersteuning via het CMD, indien deze passend zijn bij de hulpvraag van de jeugdige en/of diens ouders.
**7..** De toegang tot jeugdhulp geschiedt op basis van een individuele en integrale beoordeling van de hulpvraag, waarbij wordt vastgesteld of het voorliggend aanbod toereikend is om in de hulpbehoefte te voorzien.
**8..** Indien uit de beoordeling blijkt dat gespecialiseerde jeugdhulp noodzakelijk is, wordt deze niet onthouden op grond van het niet-gebruik van voorliggende voorzieningen.
**9..** De wijze waarop een mogelijk toe te kennen individuele voorziening wordt afgestemd met andere voorzieningen op het gebied van zorg, onderwijs, maatschappelijke ondersteuning, werk en inkomen;
**10..** Hoe rekening zal worden gehouden met de godsdienstige gezindheid, de levensovertuiging en de culturele achtergrond van de jeugdige en zijn ouder(s) en;
**11..** De mogelijkheden om te kiezen voor de verstrekking van een pgb, waarbij de jeugdige of zijn ouder(s) in begrijpelijke bewoordingen worden ingelicht over de gevolgen van die keuze.
**12..** Het college informeert de jeugdige of de ouder(s) over de gang van zaken bij het gesprek, hun rechten en plichten en de vervolgprocedure en vraagt hen gerichte toestemming om hun persoonsgegevens te verwerken.
**13..** De jeugdige en/of zijn ouders worden actief betrokken bij het proces van beoordeling en besluitvorming, waarbij hun perspectief en voorkeuren worden meegewogen.
**14..** Het college en de jeugdige of de ouder(s) kunnen in overleg afzien van een onderzoek als de aanvraag wordt ingetrokken. Dat wordt schriftelijk bevestigd.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.1
Gesprek en onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en voorkeuren
Onderdeel van Verordening Jeugdhulp gemeente Son en Breugel 2026