Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK V › Paragraaf 3

Artikel 26

Algemene voorwaarden

Onderdeel van Bankreglement Kredietbank Limburg

1.. Het Bestuur stelt de algemene voorwaarden vast die van toepassing zijn op de door de Kredietbank gesloten kredietovereenkomsten. 2.. De algemene voorwaarden dienen in ieder geval de volgende bepalingen te bevatten: de boeken, dit in ruimste zin van het woord, van de Kredietbank strekken tot volledig bewijs van: alle door de Kredietbank aan of voor rekening van de klant gedane betalingen; alle door of vanwege de klant aan de Kredietbank gedane betalingen; de hoogte van de vordering; één en ander onverminderd het recht van de klant tot het leveren van tegenbewijs; de Kredietbank zal ook in rechte ten bewijze van haar vordering kunnen volstaan met het produceren van door de Kredietbank conform getekende uittreksels uit haar boeken; de Kredietbank is bevoegd het krediet vervroegd op te eisen in de gevallen als bedoeld in artikel 33 van dit Bankreglement. 3.. Het Bestuur kan (ter zake) het opstellen van algemene voorwaarden aan de directeur mandaat/volmacht verlenen. 4.. Indien het opstellen van de algemene voorwaarden geschiedt door de directeur, dan worden deze ter goedkeuring voorgelegd aan het Bestuur. 5.. De Kredietbank draagt er zorg voor dat de aanvrager van een krediet uiterlijk voor of bij het sluiten van de kredietovereenkomst van de algemene voorwaarden een schriftelijk exemplaar ontvangt.

Rechtspraak bij dit artikel