De voorziening kan binnen 60 minuten opgebouwd en gebruikt worden. De brandweer beschikt over materieel en middelen (zoals grootschalige watertransportsystemen) om de bluswatervoorziening in stand te houden, zodat de continuïteit van de blussing gegarandeerd is. Deze voorziening betreft “open water” met een onbeperkte waterlevering.
Open water via grootwatertransportsysteem.
Op maximaal 45 meter7 45 meter * factor 1,5 = 60 meter (maximale lengte hydrauliekslangen) (i.v.m. bochten in traject slangen) van het open water is een opstelplaats voor de pompunit van het grootwatertransportsysteem (GWT).
Aanzuighoogte maximaal 8 meter.
Waterspiegel vrij te bereiken.
Minimale waterdiepte 0,5 meter.
Ligt op maximaal 3.000 meter (te bepalen in overleg met Brandweer Limburg-Noord).
Heeft een minimale opbrengst van 4000 L/minuut (= 240 m3/uur) en een onbeperkte waterlevering.
240 m3/uur
Standaard afwijking
Bij grote compartimenten (zoals industriehallen) of objecten waar een snelle branduitbreiding mogelijk is, zijn tertiaire voorzieningen noodzakelijk om bij een “standaard afwijking” (zie paragraaf 2.1) overslag naar een volgend compartiment te voorkomen. De tertiaire voorzieningen zijn in dat geval noodzakelijk op relatief korte afstand tot het object. De brandweer zal het water ontsluiten met een WTS1500 grootwatertransportsysteem.
Escalatie scenario
Tertiaire voorzieningen zijn ook nodig om bij “escalatie scenario’s” (wanneer een brand overslaat naar een volgend compartiment, zoals een naastgelegen woning) een grootschalig brandweeroptreden mogelijk te maken. Deze voorzieningen zijn dan gelegen op “strategische locaties”. Wanneer de tertiaire voorziening ingevuld wordt doormiddel van open water, dan is de maximale afstand tot een object 3.000 meter. De brandweer zal het water ontsluiten met een WTS1500 grootwatertransportsysteem.
Wanneer de tertiaire voorziening ingevuld wordt door middel van een geboorde put en/of brandkraan, dan moet deze voorziening binnen een rijafstand van maximaal 5 minuten liggen. De brandweer zal bij escalatie scenario’s dan gaan pendelen met waterwagens.
Bootlanceerplaats als waterinnamepunt brandweer
Voor calamiteiten op het water heeft Brandweer Limburg-Noord de beschikking over boten. Om de boot te water te laten is er op meerdere plekken aan het water een trailerhelling8Infobrief trailerhelling boot en waterinnamepunt brandweer LN, versie 1.2 (2024) nodig. Deze helling kan gebruikt worden als een waterinnamepunt open water door het grootschalige watertransportsysteem (GWT) of een tankautospuit (TS) bij een grotere calamiteit in de omgeving.
Afhankelijk van de locatie en mogelijkheden zal het GWT als haakarmbak niet opgesteld worden op de trailerhelling zelf. De haakarmbak met de dompelpompunit (DPU) zal aan de bovenzijde van de trailerhelling worden opgesteld. Van daaruit zal de dompelpomp met een maximale lengte van 45 meter (totale lengte hydrauliekslangen is 60 meter) via de trailerhelling te water worden gelaten.
Een opstelplaats heeft een minimale lengte van 30 meter en breedte van 4 meter
De opstelplaats is zodanig gelegen dat de (openbare) weg cq trailerhelling voldoende vrij is voor overig verkeer Is op de (openbare) weg onvoldoende ruimte moet een opstelplaats worden aangelegd, voldoende voor een aslast van 10 ton en totaalgewicht van 30 ton.
Een trailerhelling kan ook worden gebruikt om met een tankautospuit water te verpompen. Hiervoor kan normaliter een trailerhelling die is aangelegd zoals hierboven beschreven voldoende worden gebruikt.
Het kan voorkomen dat een trailerhelling niet gebruikt mag worden door onbevoegden. In een voorkomend geval zal een trailerhelling afgesloten kunnen worden met een slagboom. Om toegang te hebben bij een calamiteit is door de hulpdiensten en de gemeenten in Limburg-Noord in een intentieverklaring opgesteld dat vaste afsluitingen zijn te openen met:
Een driekantsleutel (maatvoering sleutel in overleg met Brandweer Limburg-Noord) of een hangslot met een maximale beugeldiameter 10 mm, dat in geval van een calamiteit door de brandweer kan worden doorgeknipt.
Afhankelijk van de locatie kan een aanwijzing worden geplaatst:
Brandweer Limburg-Noord maakt gebruik van een Mobiel Operationeel Informatiesysteem (MOI). Een geschikte trailerhelling is als bootlanceerplaats en/of waterinnamepunt in deze MOI opgenomen. Wijzigingen zullen door het team operationele voorbereiding worden bijgehouden.
Een eigenaar/ beheerder van een trailerhelling zorgt voor de borging van het gebruik door voldoende beheer en onderhoud van de trailerhelling. Bij eventuele wijzigingen van de gebruiksmogelijkheden zal dit gemeld worden bij Brandweer Limburg-Noord. Mochten er door de brandweer onvolkomenheden worden geconstateerd zullen deze aan de betreffende eigenaar/beheerder worden gemeld.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.4
Artikel 2.4.3
Tertiaire bluswater voorziening
Onderdeel van Gemeentelijk beleid bluswater en bereikbaarheid