Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 13

Artikel 13.2

De rol van de inwoner

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Kampen

De inwoner is in de eerste plaats zelf verantwoordelijk voor het oplossen of verminderen van zijn beperkingen. De inwoner gaat daarom eerst na welke mogelijkheden hij zelf heeft om zijn probleem op te lossen (eigen kracht). Als de inwoner ondersteuning van de gemeente krijgt, zorgt de inwoner er vervolgens voor dat de ondersteuning van de gemeente niet langer duurt dan nodig is. Hierna worden 3 specifieke verplichtingen omschreven waaraan de inwoner zich moet houden als de ondersteuning is of wordt verstrekt. 13.2.1 De inlichtingenplicht Als de gemeente het vraagt, maar ook ongevraagd, moet de inwoner alle gegevens en papieren zo snel mogelijk aan de gemeente verstrekken die voor het vaststellen of heroverwegen van het recht op een voorziening nodig zijn en waarover de inwoner redelijkerwijs kan beschikken. Deze verplichting geldt dus niet alleen tijdens de aanvraag, maar ook tijdens het gebruiken van de voorziening/ondersteuning. De gemeente vraagt geen gegevens die niet nodig zijn voor het behandelen van de aanvraag van de inwoner. Voorbeelden van informatie die een inwoner moet verstrekken zijn: Het wijzigen van de gezinssituatie of woonsituatie van de inwoner, bijvoorbeeld het gaan samenwonen met iemand of juist gaan scheiden, of de situatie dat iemand bij de inwoner in huis komt wonen; Als een inwoner een dubbel PGB ontvangt voor hetzelfde doel, moet de inwoner dit melden aan de gemeente; Het wijzigen van een zorgverlener die op basis van een PGB ondersteuning biedt. Gevolgen van niet voldoen aan de inlichtingenplicht Als een inwoner zich niet (voldoende) houdt aan de inlichtingenplicht, dan kan de gemeente de ondersteuning beëindigingen of intrekken. Hiervoor moet de gemeente de inwoner dan wel eerst de kans hebben gegeven om alsnog de juiste gegevens aan te leveren of aan te vullen zodat de gemeente een besluit kan nemen over het recht op de ondersteuning. 13.2.2 De medewerkingsplicht De inwoner moet meewerken aan het onderzoek van de gemeente dat nodig is om het recht op een voorziening te kunnen vaststellen. Ook moet de inwoner zijn medewerking verlenen in de periode daarna, als hij van de voorziening gebruik maakt. Bij het verlenen van medewerking gaat het bijvoorbeeld om: Het verschijnen bij een gesprek op het stadhuis na een oproep van de gemeente; Het meewerken aan een onderzoek van een deskundige die door de gemeente is ingeschakeld. De medewerkingsplicht geldt ook voor huisgenoten van de inwoner als het gaat om het bepalen van het recht van de inwoner op een ondersteuning. Hierbij gaat het dan bijvoorbeeld over het meewerken aan een onderzoek naar gebruikelijke hulp door een huisgenoot van de inwoner. Gevolgen van niet meewerken Werken de inwoner of zijn huisgenoten niet mee aan een onderzoek van de gemeente, dan kan de gemeente mogelijk niet vaststellen of de inwoner recht heeft op maatschappelijke ondersteuning. Dit kan ertoe leiden dat de gemeente besluit de aanvraag van de inwoner voor maatwerk ondersteuning af te wijzen. De gemeente kan ook besluiten een al verstrekte voorziening te beëindigen, in te trekken of op te schorten. Het niet verlenen van medewerking kan er ook toe leiden dat er niet voldoende rekening gehouden kan worden met de behoeften en voorkeuren van de inwoner. Als de gemeente niet op de hoogte is van de voorkeuren van de inwoner bijvoorbeeld, kan de gemeente hiermee ook geen rekening houden in het toekennen van een ondersteuning. 13.2.3 Identificatieplicht Als een inwoner in aanmerking wil komen voor maatwerk ondersteuning, dan is hij verplicht zich te legitimeren met een geldig legitimatiebewijs zoals bedoeld in artikel 1 Wet op de identificatieplicht. Om zich te legitimeren moet een inwoner een geldig legitimatiebewijs aan de gemeente laten zien. Dit kan een inwoner bijvoorbeeld doen tijdens het (keukentafel)gesprek met een medewerker van de gemeente. 13.2.4.Gevolgen van niet legitimeren Als een inwoner zich niet kan legitimeren als de gemeente hierom vraagt, dan kan dit ertoe leiden dat de gemeente de inwoner geen maatwerk ondersteuning kan verstrekken.

Rechtspraak bij dit artikel