De gemeente verstrekt alleen maatwerk ondersteuning als een inwoner beperkingen heeft zoals bedoeld in de Wmo en de inwoner deze beperkingen niet zelf door eigen kracht, met gebruikelijke hulp of algemeen gebruikelijke of andere voorzieningen of met behulp van hulp uit zijn sociale netwerk kan verminderen of wegnemen. De verstrekking van een ondersteuning is dus aanvullend op datgene dat een inwoner op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, algemeen gebruikelijke of andere voorzieningen of met behulp van hulp uit zijn sociale netwerk kan doen. Daarmee is de rol van de gemeente altijd aanvullend op wat iemand zelf (nog) kan doen, al dan niet met behulp van zijn omgeving en is de eigen verantwoordelijkheid een belangrijk thema in de Wmo. Maatschappelijke ondersteuning kan dan ook een op de individu van de inwoner afgestemd geheel van ondersteuningsvormen zijn. Het gaat daarbij dan dus om een aantal op elkaar afgestemde ondersteuningsvormen, die samen zorgen voor het resultaat dat de ondersteuning op moet leveren.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.10
Beoordelen van het recht op maatwerk ondersteuning
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Kampen