In de Wmo staat dat een inwoner van de gemeente in aanmerking komt voor maatschappelijke ondersteuning als hij in verband met een beperking, chronische psychische of psychosociale problemen zijn beperkingen op het gebied van zijn zelfredzaamheid of participatie naar de mening van de gemeente niet kan verminderen of wegnemen:
Op eigen kracht; en/of
Met gebruikelijke hulp; en/of
Met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk; en/of
Door gebruik te maken van algemene voorzieningen.
door gebruik te maken van aanbod in de (gesubsidieerde) sociale basis
3.2.1 Beschermd wonen
Als een inwoner van Nederland gebruik wil maken van ondersteuning in de vorm van beschermd wonen, moet hij aan de voorwaarden voor beschermd wonen voldoen. In de Wmo staat dat een persoon in aanmerking komt voor beschermd wonen als hij in verband met psychische of psychosociale problemen niet in staat is zich te handhaven in de samenleving:
Op eigen kracht; en/of
Met gebruikelijke hulp; en/of
Met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk; en/of
Met voorliggende voorzieningen; en/of
door gebruik te maken van aanbod in de (gesubsidieerde) sociale basis.
Voor meer informatie over beschermd wonen zie hoofdstuk 9 van deze beleidsregels.
3.2.2 Maatschappelijke opvang
Als een inwoner van Nederland gebruik wil maken van ondersteuning in de vorm van maatschappelijke opvang, moet hij aan de voorwaarden voor maatschappelijke opvang voldoen. In de Wmo 2015 staat dat een persoon in aanmerking komt voor maatschappelijke opvang als hij de thuissituatie heeft verlaten, al dan niet in verband met risico’s voor zijn veiligheid als gevolg van huiselijk geweld niet in staat is zich te handhaven in de samenleving:
Op eigen kracht; en/of
Met gebruikelijke hulp; en/of
Met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk; en/of
Met voorliggende voorzieningen; en/of
Door gebruik te maken van aanbod in de (gesubsidieerde) sociale basis.
Voor meer informatie over maatschappelijke opvang zie hoofdstuk 9 van deze beleidsregels.
Een voorziening in het kader van maatschappelijke ondersteuning hoeft er niet voor te zorgen dat de inwoner in dezelfde of wellicht betere positie terecht komt dan voordat hij de ondersteuning nodig had. Het behoeft geen toelichting dat dit in bepaalde gevallen ook helemaal niet mogelijk is. De gevraagde ondersteuning moet redelijk zijn. Wat in een bepaald geval redelijk is, kan niet worden vertaald in beleidsregels. De gemeente levert maatwerk in de individuele situatie van de inwoner.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.2
Wettelijk kader voor een ondersteuning
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Kampen