Dit betreft de watergang(en) langs het lint en de kavelsloten indien aanwezig.
Doorgaande watergang Een doorgaande watergang langs het lint draagt in sterke mate bij aan de lintbeleving. Bij voorkeur is de watergang aan beide zijden van het lint aanwezig.
Kavelsloten dragen bij aan een goede inpassing van de bebouwde percelen en de beleving van het lint. Ze vormen een referentie naar de ontginningsstructuur.
Bruggen als kavelontsluiting dragen bij aan het karakter van het lint. Deze dienen in vormgeving en uitstraling aan te sluiten bij de karakteristiek van het lint.
Natuurvriendelijke oevers langs de kavels zijn passend bij de historische uitstraling van het lint en hebben bovendien veel waarde voor de biodiversiteit.
Lage beschoeiing. Wanneer beschoeiing toch noodzakelijk is wordt deze vlak boven de oeverlijn geplaatst om zo min mogelijk zichtbaar te zijn.
Fauna uitreed plaatsen worden toegepast wanneer beschoeiingen noodzakelijk zijn, zo kunnen dieren het water verlaten.