**1..** Het college stelt per vergunning het aantal te vergunnen deelauto’s vast tot een maximum van 500 per vergunning, waarbinnen zowel de voertuigcategorieën deelbestelauto als deelpersonenauto zijn toegestaan.
**2..** Het college kan toestaan dat een vergunninghouder tijdelijk meer deelauto’s exploiteert, op voorwaarde dat:
er sprake is van een tijdelijke vermindering van vervoermogelijkheden of een tijdelijke toename van de vervoervraag;
de afwijking geldt voor een periode van maximaal twaalf maanden; en
de afwijking ten hoogste twintig procent bedraagt van het maximaal aantal vergunde deelauto’s zoals vastgelegd in de vergunning.
**3..** De vergunninghouder plaatst op geen moment meer deelauto’s op of aan de weg dan het in zijn vergunning vastgestelde maximum, inclusief een eventuele tijdelijke verhoging als bedoeld in het tweede lid.
Hoofdstuk 3
Artikel 3:1
Maximale hoeveelheid deelauto’s per vergunning
Onderdeel van Regeling deelauto’s Den Haag 2026