Een vervoersvoorziening wordt toegekend over de afstand tussen de woning van de leerling dan wel de opstapplaats en de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke school, tenzij vervoer naar een verder weggelegen school voor de gemeente minder kosten met zich mee brengt en de ouders met het vervoer naar die school schriftelijk instemmen.
Onverminderd het bepaalde in het eerste lid, ontstaat niet eerder een aanspraak op een vervoersvoorziening dan dat de ouders of de meerderjarige en handelingsbekwame leerling de keuze voor de toegankelijke school schriftelijk hebben gemeld.
Met inachtneming van het bepaalde in de voorgaande leden wordt eveneens een vervoersvoorziening verstrekt over de afstand tussen de woning of de opstapplaats en:
de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke speciale school voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband van de basisschool waarvan de leerling afkomstig is; of
een andere speciale school voor basisonderwijs in het onder a bedoelde samenwerkingsverband, als het vervoer naar die school voor de gemeente minder kosten met zich mee zou brengen dan het vervoer naar de speciale school voor basisonderwijs als bedoeld onder a.
In afwijking van het bepaalde in dit artikel wordt een vergoeding voor het eigen vervoer tot aan de Belgische grens verstrekt, indien er in Nederland geen toegankelijke school voor speciaal onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs dichterbij gelegen is, dan een vergelijkbare school in Vlaanderen en de leerling/ouders zelf de keuze maken om gebruik te maken van het Belgische onderwijs.
Artikel 8
Vervoersvoorziening naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school
Onderdeel van Verordening bekostiging leerlingenvervoer gemeente Sluis 2026