Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 3.3

Artikel 3.3.1

Weigeringsgronden

Onderdeel van Huisvestingsverordening Diemen 2026

1.. Een vergunning als bedoeld in artikel 21 van de Huisvestingswet kan worden geweigerd in het geval: naar het oordeel van burgemeester en wethouders het belang van behoud of samenstelling van de woonruimtevoorraad groter is dan het met de onttrekking, samenvoeging, omzetting of woningvorming gediende belang; naar het oordeel van burgemeester en wethouders de onttrekking, samenvoeging, omzetting of woningvorming een negatief effect heeft op de leefbaarheid; het onder a genoemde belang van behoud en samenstelling dan wel het in b genoemde negatieve effect op de leefbaarheid niet voldoende kan worden gediend door het stellen van voorwaarden dan wel voorschriften aan de vergunning; sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur; naar het oordeel van burgemeester en wethouders de aanvrager van de vergunning niet aan de algemene gedragsregels uit de Wet goed verhuurderschap voldoet; of het niet aannemelijk is dat wordt voldaan de eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). 2.. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen met betrekking tot het eerste lid van dit artikel.

Rechtspraak bij dit artikel