Bij de keuze voor een maatwerkvoorziening in natura bepaalt het college op basis van doelmatigheid de verstrekkingsvorm. We maken hierbij onderscheid tussen losse hulpmiddelen en bouwkundige (nagelvaste) aanpassingen:
Losse hulpmiddelen (< € 500,-): Worden doorgaans in eigendom verstrekt. De inwoner wordt eigenaar en is zelf verantwoordelijk voor onderhoud, reparatie en verzekering.
Losse hulpmiddelen (≥ € 500,-): Worden in bruikleen verstrekt. De gemeente blijft eigenaar van het hulpmiddel. Het college draagt via de gecontracteerde leverancier zorg voor de kosten van onderhoud, reparatie en verzekering.
Bouwkundige en nagelvaste aanpassingen: Aanpassingen die vastzitten aan de woning (behalve trapliften, zoals een badkamer- of keukenaanpassing), worden nooit in bruikleen verstrekt. Deze worden na oplevering direct eigendom van de huiseigenaar. De gemeente is daarna niet verantwoordelijk voor het onderhoud of de reparatie hiervan.
Uitzondering (altijd bruikleen): Ongeacht de prijs worden trapliften, tilliften, deurdrangers, scootmobielstallingen (scootsafes) and specifieke drempelhulpen altijd in bruikleen verstrekt. Voor deze specifieke hulpmiddelen vergoedt de gemeente wel het onderhoud en de reparaties.
Hoofdstuk 10 › Paragraaf 10.1
Artikel 10.1.1
Zorg in natura (ZIN)
Onderdeel van Beleidsregels Maatschappelijke Ondersteuning Rijswijk 2026