Ten aanzien van het bepaalde in artikel 3:2:1:2 behoudt het college van burgemeester en wethouders zich het recht voor om voor de daarin bedoelde ambtenaren in naar het oordeel van het hoofd van dienst - en voor het hoofd van dienst naar ons oordeel - exceptionele situaties enigerlei al of niet financiële compensatie toe te kennen, welke niet behoeft te zijn gerelateerd aan artikel 3:2:1.