In geval van een tussentijdse vacature in de ondernemingsraad wijst de ondernemingsraad tot opvolger van het betrokken lid aan de kandidaat die volgens de uitslag van de laatstgehouden verkiezing daarvoor als eerste in aanmerking komt.
De aanwijzing geschiedt binnen een maand na het ontstaan van de vacature. Artikel 14:1:1:13, tweede lid, van dit reglement is van overeenkomstige toepassing.
Indien er geen opvolger als bedoeld in het eerste lid van dit artikel voorhanden is, wordt in de vacature voorzien door:
Binnen 1 maand na het ontstaan van de vacature een oproep te doen tot kandidaatstelling. Kandidaatstelling geschiedt door indiening van een lijst van één of meer kandidaten bij de secretaris van de ondernemingsraad. De termijn van kandidaatstelling is 4 weken.
Gelijktijdig wordt de datum van de verkiezingen bepaald en bekend gemaakt.
Indien er niet meer kandidaten zijn gesteld dan er vacante plaatsen in de ondernemingsraad zijn te vervullen, vindt er geen verkiezing plaats en wordt/worden de gestelde kandidaat/kandidaten geacht te zijn gekozen.
In andere gevallen wordt een tussentijdse verkiezing gehouden, tenzij binnen zes maanden een algemene verkiezing zal plaatsvinden.