In afwijking van het bepaalde in artikel 3:1:1:8 kan indien het functioneren van de ambtenaar daartoe aanleiding geeft:
de ambtenaar een periodieke verhoging worden onthouden;
het tijdstip waarop de periodieke verhoging zou worden toegekend, worden vervroegd;
de ambtenaar een extra periodieke verhoging worden toegekend, indien de ambtenaar het maximumbedrag van de hem toegekende salarisschaal nog niet heeft bereikt.