Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 8

Artikel 53

Motie

Onderdeel van Reglement van Orde Provinciale Staten provincie Utrecht 2026

1.. Tijdens diens woordvoering in de Statenvergadering heeft ieder Statenlid het recht een of meerdere moties in te dienen, mits deze passen binnen de grenzen van het onderwerp dat op de agenda staat. 2.. Moties worden zoveel als mogelijk gemotiveerd aangekondigd tijdens een commissievergadering en de concepttekst wordt in beginsel een week voor de Statenvergadering digitaal beschikbaar gesteld. 3.. De motie wordt door de hoofdindiener mondeling ingediend en toegelicht, tijdens de behandeling van het onderwerp waarop de motie betrekking heeft, waardoor de motie onderdeel van het debat wordt. 4.. Indien er sprake is van meerdere moties van verschillende fracties bij hetzelfde agendapunt, vindt de volgorde van woordvoering plaats op basis van fractiegrootte. 5.. Nadat alle moties zijn ingediend, wordt gelegenheid geboden aan andere fracties om inbreng te leveren, waarna het college in de gelegenheid gesteld wordt te reageren. 6.. De tweede termijn van de beraadslaging over de ingediende motie(s) is in beginsel voorbehouden aan het onderlinge debat van Provinciale Staten. Indien een motie is gewijzigd of nieuw is ingediend, krijgt het college van Gedeputeerde Staten de gelegenheid daarop een (hernieuwde) appreciatie te geven. In bijzondere gevallen kan Provinciale Staten bij meerderheid besluiten het college tevens op andere onderdelen kort het woord te geven. 7.. De motie wordt digitaal aangeleverd bij de griffie, die de motie na indiening toevoegt aan het desbetreffende agendapunt in het Stateninformatiesysteem.

Rechtspraak bij dit artikel