Wanneer een omgevingsplan toekomstige ontwikkelingen mogelijk maakt, zal veelal een waarderend archeologisch onderzoek (bijvoorbeeld proefsleuven) plaats moeten vinden om zeker te zijn dat de toewijzing van evenwichtige functies concreet haalbaar en wenselijk is. Dit om financiële lasten voor de gebruiker zoveel mogelijk voorzienbaar en vermijdbaar te maken. Voordat concrete bestemmingen aan een locatie toegewezen kunnen worden zal moeten blijken of deze, ook vanuit archeologisch oogpunt, haalbaar zijn. Hierdoor worden financiële lasten bij werkzaamheden zoveel mogelijk voorzien en vermeden. Ook maakt dit het mogelijk om door middel van een vergunningenstelsel voorwaarden in het plan op te nemen die de bescherming van archeologische waarden kunnen waarborgen, wat soms een verzwaring van de ondergrens in oppervlakte en diepte betekent.
Normaliter vindt het waarderend archeologisch onderzoek plaats voor het vaststellen van (wijziging van) het omgevingsplan. In de praktijk komt het echter vaak voor dat het waarderende proefsleuvenonderzoek pas plaats vindt na vaststelling van het omgevingsplan, bijvoorbeeld omdat het plangebied nog niet toegankelijk is voor een proefsleuvenonderzoek. Het is dan nog onduidelijk of en waar precies archeologische waarden aanwezig zijn, die mogelijk bedreigd worden door de geplande nieuwbouw en of de archeologische oppervlakte- en dieptegrens aanpassing behoeven. Wel is er in het nieuwe omgevingsplan dan al een functietoekenning Waarde-Archeologie met bijbehorende ondergrens opgenomen, die gebaseerd is op algemeen archeologisch bureauonderzoek. Hierdoor is de kans groot dat er voor de aanvraag van de omgevingsvergunning geen archeologisch onderzoek meer kan worden gevraagd, omdat de bouw van een huis meestal niet boven de 250 m2 komt. Als er bij de bouw dan archeologische waarden tevoorschijn komen, is niet de vergunning vrager verantwoordelijk, maar de gemeente. Om hier op een juiste manier mee om te gaan, zal bij het doorschuiven van het waarderend archeologisch onderzoek naar de aanvraag van een omgevingsvergunning, in het vast te stellen nieuwe omgevingsplan een voorwaardelijke verplichting voor archeologisch onderzoek opgenomen worden.7 Dit geldt alleen bij het vaststellen van wijzigingen op of nieuwe omgevingsplannen.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 2.2.4
Doorschuiven van de archeologische onderzoeksplicht
Onderdeel van Beleidsnotitie Archeologie Gemeente Gemert-Bakel 2026