Naar hoofdinhoud
1.. Een ouder krijgt alleen een tegemoetkoming als: de ouder behoort tot een doelgroep als bedoeld in artikel 2; Het kind staat ingeschreven op het woonadres van de ouder; de kinderopvang plaatsvindt bij een geregistreerd kindercentrum of een geregistreerde voorziening voor gastouderopvang; de kinderopvang naar het oordeel van het college nodig is voor werk, re-integratie, inburgering of studie; de ouder kinderopvangtoeslag ontvangt of aannemelijk maakt dat daarvoor recht bestaat. 2.. Het college verstrekt geen tegemoetkoming als: de kosten van kinderopvang redelijkerwijs op een andere manier kunnen worden opgevangen; de tegemoetkoming samen met de kinderopvangtoeslag en andere vergoedingen hoger zou zijn dan de werkelijke kosten van kinderopvang.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel