De rivieren de Maas en de Waal stromen door de gemeente Maasdriel. De rivieren hebben een grote invloed gehad op het ontstaan van het landschap. Het landschap kenmerkt zich als een open en weids agrarisch, cultuur- en rivierenlandschap, dat wordt gekenmerkt door bescheiden hoogteverschillen. Dit rivierenlandschap heeft een karakteristiek van stroomruggen, oeverwallen, komgronden en uiterwaarden. Dichter bij de rivier liggen zavelige oeverwallen, wanneer de rivier zich verlegd blijven deze hoger gelegen stroomruggen achter. Verder van de rivier af liggen de zware kleigronden van de kom. De meeste kernen hebben een directe relatie met de dijkzone en het buitendijkse gebied. Met name de samenhang met de rivier(dijk) is bijzonder karakteristiek in Well, Rossum en Heerewaarden.
De waterstand van deze rivieren heeft een sterke invloed op de waterhuishouding in de bodem. In natte perioden kan kwel optreden, in droge perioden drainage. Dit leidt binnendijks in droge perioden, vooral dicht bij de rivier, tot lage grondwaterstanden en droogvallende sloten. In droge perioden worden sloten door middel van het inlaten van water vanuit de Maas op peil gehouden.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.1
Artikel 3.1.1
Rivierenlandschap
Onderdeel van Beleidsplan Groen 2026-2030