Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5. › Paragraaf 5.3

Artikel 5.3.2

Groenbeheer

Onderdeel van Beleidsplan Groen 2026-2030

In het verleden werd de buitenruimte door veel gemeenten, ook in Maasdriel op een hoger niveau onderhouden. Het niet meer (mogen) toepassen van chemische bestrijdingsmiddelen maakt dat een dergelijk hoog onderhoudsniveau zeer moeilijk haalbaar en extra duur is. Daarnaast zijn de normen voor kwaliteit (Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte KOR 2018) inmiddels ook bijgesteld. Dit betekent bijvoorbeeld dat er 3 stuks onkruid van meer dan 50 cm mogen. Dus twee distels van maar liefst een meter in een groenstrook mogen, ook al is de beleving dat dit niet netjes is. Ook voortschrijdend inzicht over biodiversiteit laat zien dat niet alles op A niet altijd wenselijk is. Vanuit de inwoners hoort de gemeente ook positieve geluiden over de ‘Maai mei niet’ campagne van natuurorganisaties. Andere inwoners zien het liefst dat alles op A++ niveau bijgehouden wordt. We leggen de raad voor te kiezen voor onderhoudsniveau B (basis) en enkele hotspots in en nabij de centra op A-niveau, vanwege financiële middelen en het gewenste beeld. In het groenbestek worden deze hotspots gespecificeerd. Het groen in de openbare ruimte moet minimaal voldoen aan beeldkwaliteit B (conform CROW). Voor de verschillende beheertypen groen worden de voorschriften voor aanplant vastgelegd, passend bij de lokale omstandigheden en bij het gewenste beeld ter plaatse. Gewerkt wordt aan doorgaande structuren en groene kernen. Hiervoor worden als hulpmiddel (niet uitputtende) soortkeuzelijsten samengesteld. Actie: Inzet vanuit de gemeentelijke organisatie is nodig om (stedenbouwkundige) ontwerpteams te voorzien van informatie om nieuwe inrichtingsplannen optimaal in te richten met groen.

Rechtspraak bij dit artikel