Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6. › Paragraaf 6.1

Artikel 6.1.5

Bomen gezond tot volle wasdom laten komen

Onderdeel van Beleidsplan Groen 2026-2030

Bij het planten van bomen is het van belang dat de boom past op de locatie. Enerzijds dient te worden gezocht naar een soort, vorm en aantal dat past bij het landschap. Anderzijds dienen de keuze te worden afgestemd op de lokale omstandigheden zoals bodem, grondwater en beschikbare boven- en ondergrondse groeiruimte, zodat de geplante boom zich optimaal kan ontwikkelen. Uiteindelijk dient de conditie van alle bomen minimaal voldoende te zijn. Bomen die gezond oud kunnen worden en volledig kunnen uitgroeien, leveren optimale ecosysteemdiensten. Bij toekomstige ontwikkelingen houden we vanaf de ontwerpfase rekening met de benodigde groeiruimte voor boom- of beplanting, zodat deze hun minimale eindleeftijd kunnen bereiken. Met toezicht op de aanplant en inrichting, werken we aan beter resultaat (realiseren). Hiermee zijn in een later stadium geen extra beheermaatregelen en investeringen nodig. Voldoende ruimte voor bomen en groen betekent dat er vanaf de ontwerpfase rekening gehouden moet worden met de benodigde groeiruimte. De groeiruimte dient zodanig te worden ingericht dat een boom of beplanting zijn minimale eindleeftijd kan bereiken. Voor bomen wordt dan ook een ambitieleeftijd gesteld wat betekent hoe lang een boom moet kunnen doorgroeien. Een boom is bij het bereiken van zijn ambitieleeftijd uitgegroeid en zal vervolgens gezond verder leven maar zonder significante groei. Voor straat- en laanbomen en voor bomen van de 3e grootte wordt 40 jaar als ambitieleeftijd genomen. Voor structuurbomen 60 jaar. Voor monumentale bomen van de toekomst 80 jaar. Aan de hand van boommonitor4https://www.norminstituutbomen.nl/instrumenten/boommonitor/ wordt per boomsoort bepaald hoe de groeiplaats moet worden ingericht voor optimale groei tot minimaal de ambitieleeftijd. Op die manier creëren we bomen van formaat die volop ecosysteemdiensten leveren en daarmee bijdragen aan de kwaliteit van de leefomgeving. Ambitieleeftijd per beleidsklasse mimimaal Straat- en laanbomen en bomen van de derde grootte 40 jaar Structuurbomen 60 jaar Monumentale bomen van de toekomst 80 jaar

Rechtspraak bij dit artikel