**1..** De geluidsnormen bedoeld in de artikelen 5.55, 5.59, 5.60, 5.64, 5.65, 5.66, 5.67, 5.68, 5.69, 5.70, 5.71 en 5.72 van het Bkl, gelden niet voor door het college aan te wijzen collectieve festiviteiten gedurende de daarbij aan te wijzen dagen of dagdelen.
**2..** In een aanwijzing als bedoeld in het eerste lid, kan het college bepalen dat de aanwijzing slechts geldt in een of meer delen van de gemeente.
**3..** Als een collectieve festiviteit redelijkerwijs niet te voorzien was, kan het college een festiviteit terstond als collectieve festiviteit als bedoeld in het eerste lid aanwijzen.
**4..** Het college kan voorwaarden stellen aan de festiviteiten ter voorkoming of beperking van geluidhinder.
**5..** Het equivalente geluidsniveau LAeq veroorzaakt door de inrichting, bedraagt niet meer dan 80 dB(A) en 95 dB(C), gemeten op de gevel van geluidgevoelige gebouwen op een hoogte van 1,5 meter.
**6..** Het maximale equivalente geluidsniveau LAeq verschil veroorzaakt door de inrichting, mag niet meer bedragen dan 15 dB, gemeten tussen dB(A) en dB(C) op de gevel van geluidgevoelige gebouwen op een hoogte van 1,5 meter.
**7..** De geluidsnorm, bedoeld in het zesde lid, is inclusief onversterkte muziek en exclusief 10 dB(A) toeslag vanwege muziekcorrectie voor buitenevenementen. Tevens wordt de bedrijfsduurcorrectie buiten beschouwing gelaten.
**8..** De meting van het geluid als bedoeld in het vijfde lid vindt plaats overeenkomstig bijlage IVh. van de Omgevingsregeling. Bij de meting van muziekgeluid wordt geen gevelreflectiecorrectie toegepast.
**9..** Op de dagen, als bedoeld in het eerste lid, wordt het ten gehore brengen van muziek hoger dan de geluidnorm, bedoeld in de artikelen 5.55, 5.59, 5.60, 5.64, 5.65, 5.66, 5.67, 5.68, 5.69, 5.70, 5.71 en 5.72 van het Bkl, uiterlijk beëindigd om 01:00 uur.
HOOFDSTUK 3 › AFDELING 3
Artikel 3:7
Aanwijzing collectieve festiviteiten (voorheen artikel 4:2 APV)
Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving Land van Cuijk 2026