Naar hoofdinhoud

Artikel 12

Verplichtingen

Onderdeel van Subsidieregeling Versterken Sociale Basis

1.. Aan de subsidieverlening op grond van artikel 3, derde lid, onderdeel a, thema Preventief Jeugdbeleid worden de volgende verplichtingen verbonden: de subsidieontvanger monitort wat voor effect de interventies hebben (outcome) en brengt de opbrengsten middels een Maatschappelijke Businesscase (hierna te noemen: MBC) in beeld. De aanvrager krijgt in 2027 de tijd om deze MBC op te bouwen, daarbij wordt minimaal gekeken naar: Ervaringsdata (kwalitatief); Wetenschappelijke kennis (evidence-based); Kwantitatieve data (cijfers en indicatoren); de subsidieontvanger maakt, daar waar mogelijk, gebruik van ervaringsdeskundigen /ervaringsdeskundigheid; en de subsidieontvanger sluit aan bij netwerksessies (max 4x per jaar) rondom (preventief) jeugdbeleid; en Inwoners weten waar ze de activiteit/ het aanbod kunnen vinden (het staat in ieder geval op de www.eindopweg.nl). 2.. Voor subsidie op grond van artikel 3, derde lid, onderdeel c, Eenzaamheid en informele ondersteuning en onderdeel d, Gezondheid en verslaving, gelden de volgende verplichtingen: De aanvrager maakt (daar waar relevant) gebruik van ervaringsdeskundigen/ ervaringsdeskundigheid; en De aanvrager gaat op zoek naar/maakt gebruik van cofinanciering; en Inwoners weten waar ze de activiteit/ het aanbod kunnen vinden (het staat in ieder geval op de STAP naar Gezonder), en er is sprake van een goede doorverwijzing naar (geïndiceerde) hulp daar waar extra ondersteuning nodig is; en De aanvrager bevordert de samenwerking met patiëntenverenigingen bij de organisatie van je activiteiten; en De activiteit pakt de grondoorzaken aan van sociale problemen; en De activiteit wordt afgestemd met andere sociale basis partners in het gebied; en De activiteit draagt zichtbaar bij aan de beweging van 2-1-0; en De activiteiten vinden bij voorkeur plaats in gebieden waar de meeste gezondheidswinst te behalen is. 3.. Voor subsidie op grond van artikel 3, derde lid, onderdeel f, thema Een financieel zeker bestaan gelden de volgende verplichtingen: de subsidieontvanger levert uiterlijk drie maanden na afloop van de subsidieperiode aan hoeveel inwoners in Eindhoven bereikt zijn met de daadwerkelijk geboden ondersteuning, goederen en/of diensten. de subsidieontvanger verwijst de inwoner door naar Stichting WIJeindhoven indien er sprake is van problematische schulden en/of wanneer er sprake is van meer dan drie of meer betalingsregelingen en/of onvoldoende geld over is voor boodschappen of vaste lasten. 4.. Voor subsidie op grond van artikel 3, derde lid, onderdeel k, thema Facilitering buurtontmoetingslocaties, deelthema 1 en 2, gelden de volgende verplichtingen: De aanvrager: zorgt voor dagelijks functioneren van de locatie; verzorgt beheer, financiën en administratie; organiseert activiteiten en betrokkenheid in de wijk; werkt met en voor vrijwilligers en bezoekers; versterkt één of meer van de volgende bouwstenen uit het beleidskader Buurtontmoeting: uitnodigende en duurzame inrichting; inclusieve en toegankelijke locatie; diverse en verbindende programmering; goed sociaal en zakelijk beheer; sterke vrijwillige inzet. De aanvrager toont aan hoe de subsidie bijdraagt aan versterking van deze bouwstenen. 5.. Voor subsidie op grond van artikel 3, derde lid, onderdeel l, thema Cultuur in de Wijk levert de subsidieontvanger uiterlijk 13 weken na afloop van de activiteit een bewijs van de uitgevoerde activiteiten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel