Naar hoofdinhoud
1.. De raad benoemt één commissievoorzitter en één plaatsvervangend commissievoorzitter. 2.. De commissievoorzitter leidt de beeldvormende en oordeelsvormende bijeenkomsten. Bij afwezigheid wordt hij vervangen door de plaatsvervangend commissievoorzitter. 3.. De commissievoorzitter: bewaakt het karakter van de fase van behandeling; draagt zorg voor een ordelijk verloop van de vergadering; bevordert een evenwichtige deelname aan de beraadslaging. 4.. De commissie is georganiseerd in de volgende drie blokken: algemene zaken en financiën; sociaal domein; ruimtelijk domein. 5.. De indeling van onderwerpen over de blokken, bedoeld in het vierde lid, wordt bepaald door het presidium. 6.. De commissievoorzitter dan wel de plaatsvervangend commissievoorzitter neemt niet inhoudelijk deel aan de vergadering. 7.. De raad kan de commissievoorzitter en de plaatsvervangend commissievoorzitter ontslaan.

Rechtspraak bij dit artikel