Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 9

De hoogte van de bestuurlijke boetes voor de verschillende overtredingen

Onderdeel van Verordening Wet inburgering 2009

1. De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 250 indien de inburgeringsplichtige of de persoon ten aanzien van wie het college op redelijke gronden kan vermoeden dat deze inburgeringsplichtige is, geen of onvoldoende medewerking verleent aan het onderzoek, bedoeld in artikel 25, vierde lid, van de wet. Bij deze bestuurlijke boete gelden de volgende schema’s voor de opbouw: Gedraging Bestuurlijke boete / maximaal 1e keer niet verschijnen Artikel 25, eerste of tweede lid WI Waarschuwingsbrief + nieuwe afspraak 2e keer € 125 3e keer € 250 Gedraging Handhaving / maximaal Geen of onvoldoende medewerking verlenen aan de uitvoering van het onderzoek: 1e keer Artikel 25, vierde lid WI Waarschuwingsbrief + nieuwe afspraak 2e keer € 125 3e keer € 250 2. De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 500 indien de inburgeringsplichtige geen of onvoldoende medewerking verleent aan de uitvoering van de voor hem vastgestelde inburgeringsvoorziening, bedoeld in artikel 23, eerste lid en derde lid, van de wet of aan de verplichtingen, bedoelt in artikel 5 van deze verordening. Bij deze bestuurlijke boete gelden de volgende schema’s voor de opbouw: Gedraging Bestuurlijke boete / maximaal Onvoldoende medewerking aan uitvoering vastgestelde inburgeringsvoorziening: 1e keer Artikel 23, eerste en derde lid WI en artikel 5 verordening € 150 2e keer € 300 3e keer € 500 en beëindigen van het traject 3. De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 500 indien de inburgeringsplichtige niet binnen de in artikel 7, eerste lid, van de wet bedoelde termijn of binnen de door het college op grond van artikel 31, tweede lid, onderdeel a, van de wet verlengde termijn het inburgeringsexamen heeft behaald. Bij deze bestuurlijke boete geldt het volgende schema: Gedraging Bestuurlijke boete / maximaal Inburgeringsexamen: niet binnen de wet bedoelde termijn of de door het college gegeven verlengde termijn behaald. Artikel 7, eerste lid of artikel 31, tweede lid onder a WI € 250 4. Bij herhaling van de overtreding wordt de bestuurlijke boete verhoogd en bedraagt ten hoogste € 1.000,00indien de inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond van artikel 32 of 33 van de wet vastgestelde termijn het inburgeringsexamen heeft behaald. Bij deze bestuurlijke boete gelden de volgende schema’s voor de opbouw: Gedraging Handhaving 2e keer € 500 3e keer en volgende keren € 1.000

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel