Naar hoofdinhoud

Artikel 4.

Regels voor het gebruik van de kabelgoot

Onderdeel van Beleidsregels kabelgoten voor opladen elektrische voertuigen gemeente Baarn

a.. De laadkabel mag alleen in de kabelgoot geplaatst worden. De laadkabel dient zodanig in de kabelgoot te worden geplaatst, dat de kabel enkel uitsteekt op de laatste tegel aan beide uiteinden van de kabelgoot. De overlengte van de oplaadkabel wordt op eigen terrein geplaatst. b.. De aanvrager is verantwoordelijk voor het dagelijks onderhoud (schoonhouden) van de kabelgoot. c.. De laadkabel mag alleen in de kabelgoot liggen wanneer deze daadwerkelijk is aangesloten aan het voertuig. De laadkabel dient direct uit de kabelgoot verwijderd te worden zodra deze van het voertuig is losgekoppeld. d.. Laadkabels worden alleen horizontaal vanaf het privaat terrein ingevoerd in de kabelgoottegel; laadkabels worden niet geplaatst over verhoogde erfafscheidingen (zoals muurtjes, schuttingen, hagen of dergelijke). e.. Beschadigingen die gebruik van de kabelgoottegel of van de stoep onveilig maken worden per ommegaande gemeld aan de gemeente. Eventuele vervanging van beschadigde tegels wordt uitgevoerd door en op kosten van de gemeente.

Rechtspraak bij dit artikel