Naar hoofdinhoud
de volgende algemene instructies worden gegeven over de wijze waarop het mandaat mag worden gebruikt:. Algemene instructies Het mandaat wordt uitgeoefend met inachtneming van de volgende bepalingen: het mandaat betreft het geven van een bevel op grond van het bepaalde in het eerste lid van artikel 2.78 van de APV, dat luidt als volgt: “Artikel 2:78 Gebiedsontzeggingen 1. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, het voorkomen of beperken van overlast, het voorkomen of beperken van aantastingen van het woon- of leefklimaat, de veiligheid van personen of goederen, de gezondheid of de zedelijkheid aan een persoon die strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen verricht, een bevel geven zich gedurende ten hoogste 120 uur niet in een of meer bepaalde delen van de gemeente op een openbare plaats op te houden.” Het is de gemandateerden niet toegestaan om deze bevoegdheid aan derden door te mandateren. Een gebiedsontzegging kan door de gemandateerden uitsluitend op 14,15, 16, 17, 18, 19 en 20 augustus 2026 worden opgelegd aan personen die openbare orde verstorende en/of strafbare handelingen verrichten in het gebied zoals beschreven onder II. Voor het in mandaat opleggen van een gebiedsontzegging wordt gebruik gemaakt van het model dat als bijlage bij dit besluit is opgenomen. Aanwijzing gebied Als gebied waarvoor de gemandateerden een gebiedsontzegging kunnen opleggen, wordt aangewezen de openbare ruimte in het gearceerde gebied op de kaartbijlage bij dit besluit. Dit gebied omvat het evenemententerrein en een strook van ca. 50 m daarom heen. Voorwaarden gebiedsontzegging Indien degene aan wie een gebiedsontzegging wordt opgelegd een zwaarwegend belang heeft om zich in het gebied op te houden (bijvoorbeeld dat de geadresseerde in het aangewezen gebied zijn woning heeft, zijn werk heeft of beroep uitoefent), kan hiermee rekening gehouden worden, door in het besluit een route aan te wijzen (het betreft de kortste route naar de rand van het gebied), langs welke de geadresseerde het gebied dient te betreden dan wel te verlaten. De gebiedsontzegging geldt gedurende de middag, avond en nacht tot 8:00 uur ’s ochtends. Tussen 8:00 uur ’s ochtends en 13:00 uur ’s middags is de gebiedsontzegging niet van kracht, waardoor de maximale werkingsduur ervan beperkt blijft tot 114 uren. Procedure gebiedsontzegging Voordat een gebiedsontzegging wordt opgelegd, krijgt de belanghebbende de kans een zienswijze te geven, tenzij de vereiste spoed zich daartegen verzet. Vanwege de vereiste spoed gebeurt dit in principe mondeling. De zienswijze wordt later schriftelijk vastgelegd en naar het woonadres van de belanghebbende gestuurd. In de gebiedsontzegging wordt duidelijk aangegeven voor welk tijdvak en welk gebied het verbod geldt. In de gebiedsontzegging wordt aangegeven op grond van welk(e) feit(en) de persoon de gebiedsontzegging opgelegd heeft gekregen. Voor het opleggen van een gebiedsontzegging wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van het door de burgemeester ter beschikking gestelde model. Het model is als bijlage bij dit besluit opgenomen. De gebiedsontzegging wordt in persoon door de buitengewoon opsporingsambtenaar of de ambtenaar van politie uitgereikt. De gebiedsontzegging gaat van kracht op het moment dat de gebiedsontzegging aan de betrokkene is uitgereikt. Foto’s Bij de uitreiking van de gebiedsontzegging wordt een foto van de geadresseerde gemaakt. Deze wordt toegevoegd aan de stukken betreffende de gebiedsontzegging en zal worden gebruikt voor de controle op de naleving van de gebiedsontzegging. Voor dat doel hebben uitsluitend de burgemeester en de gemandateerden toegang tot die foto. Registratie Van de toepassing van de gebiedsontzeggingen wordt een registratie bijgehouden. De burgemeester wordt zo spoedig mogelijk – uiterlijk de eerste werkdag na het opleggen van een gebiedsverbod – geïnformeerd.

Rechtspraak bij dit artikel