(PW, Awb)
De gemeente verlaagt de uitkering van een inwoner die een opgelegde verplichting als bedoeld in artikel 55 van de Participatiewet niet voldoende nakomt.
De verlaging is 20% van de uitkeringsnorm voor één maand als het gaat om:
verplichtingen die gericht zijn op het krijgen van werk;
verplichtingen in verband met bijstand die een bepaalde vorm (bijvoorbeeld in natura) of voor een specifiek doel wordt verstrekt;
een opgelegde verplichting om een noodzakelijke medische behandeling te volgen;
het voor de eerste keer niet verschijnen bij het afnemen van de taaltoets, zoals opgenomen in artikel 18b van de Participatiewet.
De verlaging is 40% van de uitkeringsnorm voor één maand als het gaat om:
verplichtingen die gericht zijn op vermindering van de bijstand;
het voor de tweede keer niet verschijnen bij het afnemen van de taaltoets, zoals opgenomen in artikel 18b van de Participatiewet.
De verlaging is 100% van de uitkeringsnorm voor één maand als het gaat om:
verplichtingen die gericht zijn op beëindiging van de bijstand;
het voor de derde keer of vaker niet verschijnen bij het afnemen van de taaltoets, zoals opgenomen in artikel 18b van de Participatiewet;
het niet of niet tijdig voldoen aan de medewerkingsverplichting als bedoeld in artikel 17 van de Participatiewet.
Hoofdstuk › Paragraaf 9.2
Artikel 9.2.10
Niet nakomen van andere verplichtingen
Onderdeel van Verordening Werk, Participatie, Inkomen en Schuldhulp gemeente Boekel 2026