De gemeente stelt de ambtenaar, die een functie als bedoeld in artikel 15:1:16:2 vervult, de dienstkleding in bruikleen ter beschikking.
Voor iedere functie bepaalt de direct leidinggevende welke dienstkleding nodig is en waar de dienstkleding wordt aangeschaft. Hierbij wordt rekening gehouden met de Arbo-wetgeving en de regels die de belastingdienst stelt.
De dienstkleding wordt vervangen nadat de kleding voor gebruik ongeschikt is verklaard door de direct leidinggevende, de kleding verloren is gegaan of wanneer de levensduur van de dienstkleding is verstreken.
De dienstkleding wordt ingeleverd bij de direct leidinggevende:
als de kleding versleten is (na beoordeling van de direct leidinggevende);
als de veiligheid, na beoordeling van de direct leidinggevende, niet meer gewaarborgd is;
als de medewerker de dienstkleding niet meer nodig heeft voor uitoefening van zijn functie, bv. door wijziging van functie;
als de medewerker uit dienst gaat.
Als de dienstkleding moet worden vervangen door aan de ambtenaar te wijten omstandigheden bepaalt het afdelingshoofd of de kosten van vervanging geheel, gedeeltelijk of niet aan de ambtenaar worden doorberekend.
Hoofdstuk
Artikel 15:1:16:3
Beschikbaarstelling, vervanging en inlevering van de dienstkleding
Onderdeel van CAR/UWO