Ter bepaling van de uitslag van de verkiezing berekent de ondernemingsraad in de eerste plaats de kiesdeler door het aantal geldig uitgebrachte stemmen te delen door het aantal te bezetten zetels in de ondernemingsraad.
Vervolgens worden aan iedere kandidatenlijst zoveel zetels toegewezen als de kiesdeler begrepen is in het aantal op die lijst uitgebrachte geldige stemmen.
De daarbij overblijvende stemmen alsmede de stemmen uitgebracht op een lijst die de kiesdeler niet haalde, gelden als overschotstemmen. Zetels die op deze wijze niet kunnen worden vervuld, worden als restzetel achtereenvolgens toegekend aan de lijsten met de grootste stemmenoverschotten. Bij een gelijk stemmenoverschot van 2 of meer lijsten beslist het lot welke lijst het eerst een zetel krijgt.
De aan een lijst toegevallen zetels worden toegewezen aan de daarop staande kandidaten in volgorde van het aantal uitgebrachte stemmen op die kandidaat, met dien verstande dat de kandidaat met het hoogste aantal stemmen als eerste in aanmerking komt voor een zetel. Bij een gelijk aantal stemmen geldt dat de kandidaat die hoger op de lijst staat in aanmerking komt voor een zetel. Een kandidaat die persoonlijk de kiesdeler heeft gehaald, in ieder geval is gekozen.
De uitslag van de verkiezing wordt door de ondernemingsraad vastgesteld en volledig bekend gemaakt aan de ondernemer, aan de in de onderneming werkzame personen, en aan de werknemersorganisaties die de kandidatenlijsten hebben ingediend.
Indien bij de toepassing van de vorige bepalingen aan een lijst meer zetels zouden moeten worden toegewezen dan er kandidaten zijn, gaan de overblijvende zetel of zetels door voortgezette toepassing van die bepalingen over op één of meer van de overige lijsten, waarop kandidaten voorkomen aan wie geen zetel is toegewezen.