Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 6:2:1:1

Uitwerking van leeftijdsverlof

Onderdeel van CAR/UWO

De in artikel 6:2 genoemde duur van de vakantie wordt vermeerderd voor de ambtenaar met een volledige betrekking: over het kalenderjaar, waarin de ambtenaar die voor 1 januari 1997 in dienst was bij de gemeente Houten, de leeftijd van 30 jaar bereikt met 7,2 uren, vervolgens bij het bereiken van de leeftijd van 40 jaar wederom met 7,2 uren en verder bij elke 5 jaar ouder opnieuw met 7,2 uren, totdat bij het bereiken van de leeftijd van 60 jaar het aantal extra uren 43,2 bedraagt; over het kalenderjaar waarin de ambtenaar, die op of na 1 januari 1997 in dienst is gekomen bij de gemeente Houten, de leeftijd van 30 jaar bereikt met 7,2 uren, en verder bij het bereiken van elke 10 jaar ouder opnieuw met 7,2 uren, tot dat bij het bereiken van de leeftijd van 60 jaar het aantal extra uren 28,8 bedraagt; voor de ambtenaar die in het desbetreffende dienstjaar de leeftijd van 18 jaar bereikt of jonger is, met 21.6 uren; voor de ambtenaar die in het desbetreffende dienstjaar de leeftijd van 19 jaar bereikt, met 14.4 uren; voor de ambtenaar die in het desbetreffende dienstjaar de leeftijd van 20 jaar bereikt, met 7.2 uren; De ambtenaar kan het college schriftelijk verzoeken om uitbetaling van maximaal 21,6 uren van de in dit lid onder a. tot en met d. genoemde uren. Uitbetalen van deze uren kan alleen geweigerd worden om financiële en organisatorische redenen; Voor een ambtenaar met een formele arbeidsduur van minder dan 36 uur per week wordt de vermeerdering van de vakantie naar evenredigheid toegepast.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel