Bij het berekenen van het netto besteedbare inkomen wordt gekeken naar de studiefinanciering die de student ontvangt en andere inkomsten die de student heeft.
Studenten in het hoger en middelbaar beroepsonderwijs hebben recht op een normbudget (bepaald bedrag) voor hun levensonderhoud. In het kader van de kwijtscheldingsregeling is dit normbudget de optelsom van basisbeurs, maximale aanvullende beurs en maximale basislening. Daarbij wordt voor zover van toepassing rekening gehouden met het feit of de student thuiswonend, dan wel uitwonend is. In voorkomend geval wordt dit normbudget verhoogd met de één-oudertoeslag.
De inkomsten van een student worden op een standaardbedrag gesteld.
Voor studenten in het hoger onderwijs wordt dit bedrag berekend door het normbudget voor levensonderhoud te verminderen met een standaardbedrag voor boeken en leermiddelen.
Voor studenten in het middelbaar beroepsonderwijs wordt dit bedrag berekend door het normbudget voor levensonderhoud te verminderen met een standaardbedrag voor boeken en leermiddelen en met het bedrag aan onderwijsretributie (is een vergoeding).
Het standaardbedrag voor boeken en leermiddelen wordt jaarlijks door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap bepaald.
Als een student naast studiefinanciering ook eigen inkomen heeft, wordt het inkomen van de student bepaald zoals hierboven bij A en B is beschreven.
Als de studiefinanciering (zonder het collegegeldkrediet voor hoger onderwijs) en de eigen inkomsten samen hoger zijn dan de kosten van levensonderhoud voor het huishouden, wordt de betalingscapaciteit berekend met de volgende formules:
Formule 1: (P + Q) – R – S = X
P is de studiefinanciering die de student heeft gekregen zonder het collegegeldkrediet (is geld dat de student kan lenen om het collegegeld te betalen).
Q is het totaal van de eigen inkomsten van de student
R is het normbudget voor levensonderhoud dat geldt voor de student
S is de lening die de student van de DUO heeft ontvangen
De uitkomst (X) kan nooit lager zijn dan nul.
Formule 2: X + Y = T
Y is het standaardbedrag voor inkomsten van de student, zoals eerder beschreven.
T is het totaal van de inkomsten van de student. Dit inkomen wordt gebruikt om het netto besteedbaar inkomen te berekenen.
Als de studiefinanciering voor een groot deel uit een lening bestaat, wordt dezelfde berekening gebruikt zoals hierboven beschreven.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.11
Artikel 4.11.10
Studenten
Onderdeel van Leidraad invordering gemeente Rijswijk