Uitsluitend de volgende activiteiten komen voor subsidie als bedoeld in artikel 2 en 3 in aanmerking:
beheren van een natuurterrein ten behoeve van de natuurbeheertypen met de aanduiding N02.01 tot en met N17.06 in het Natuurbeheerplan 2026;
beheren van een natuurterrein ten behoeve van de landschapsbeheertypen met de aanduiding L01.01 tot en met L01.16, L02.01 in het Natuurbeheerplan 2026;
inzetten van een gescheperde schaapskudde op een natuurterrein (schapenbijdrage);
monitoren (monitoringsbijdrage);
recreatief toegankelijk maken en houden van een natuurterrein (voorzieningenbijdrage);
toezicht houden op een natuurterrein (toezicht bijdrage);
transporteren in verband met het beheer van natuur- en landschapsbeheertypen op een natuurterrein dat alleen varend kan worden bereikt (vaarbijdrage).
Hoofdstuk 2
Artikel 4