Naar hoofdinhoud

Paragraaf 6

Artikel 6.1

Artikel 6.1

Onderdeel van GEDRAGSCODE INTEGRITEIT BURGEMEESTER EN WETHOUDERS 2026

Burgemeester en wethouders gaan respectvol met elkaar om en houden zich aan de volgende afspraken over hoe met elkaar om te gaan tijdens vergaderingen, bijeenkomsten en daarbuiten: 1.. We vallen elkaar niet persoonlijk aan; 2.. We twijfelen er niet aan dat burgemeester en wethouder vanuit zijn eigen opvatting het algemeen belang oprecht dient en de rechten van individuen wil beschermen; 3.. We erkennen en bevestigen de ander in zijn rol als burgemeester of wethouder; 4.. We komen in de openbaarheid op voor elkaar en voor het ambt. We accepteren niet dat een collega (burgemeester, wethouder of raadslid) onheus wordt bejegend en treden daar actief tegen op; 5.. Voelt men zich gekwetst of onheus bejegend, dan gaat men in gesprek met degene in kwestie. Indien gewenst vindt dit onder begeleiding plaats; 6.. We acteren niet op basis van aannamen, roddels of niet-geverifieerde informatie over collega’s (burgemeester, wethouders, raadsleden, commissieleden, griffieleden en andere ambtenaren).

Rechtspraak bij dit artikel