Naar hoofdinhoud

Artikel 2.

Vergunningenstop ligplaatsen

Onderdeel van Regeling tijdelijke vergunningenstop ligplaatsen Westerkwartier 2026

1.. Burgemeester en wethouders verlenen, zodra een vergunningmogelijkheid ontstaat, geen nieuwe ligplaatsvergunningen, in afwachting van de vaststelling van nader ligplaatsenbeleid. Aanvragen die worden ingediend na de inwerkingtreding van deze regeling worden niet in behandeling genomen. Aanvragen die zijn ingediend vóór de inwerkingtreding van deze regeling worden, zodra een vergunningmogelijkheid ontstaat, eenmalig voor één jaar verleend, tenzij er gronden zijn om de aanvraag te weigeren. 2.. Burgemeester en wethouders nemen, zolang nog geen vergunningmogelijkheid bestaat, aanvragen voor een ligplaatsvergunning niet in behandeling. 3.. Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op het innemen, hebben of beschikbaar stellen van een ligplaats in de haven van Leek (Nienoordshaven). Aanvragen voor een ligplaatsvergunning voor die locatie worden beoordeeld op grond van de Verordening jachthaven Leek gemeente Westerkwartier 2021. 4.. Burgemeester en wethouders verlenen geen medewerking aan de volgende wijzigingen van bestaande ligplaatsen: uitbreiding van de omvang of de afmetingen van het vaartuig of woonark waarvoor de ligplaats wordt ingenomen; wijzigingen ten aanzien van de plaats waar de ligplaats wordt ingenomen; 5.. In afwijking van het vierde lid, onderdeel b, kunnen burgemeester en wethouders medewerking verlenen aan een wijziging van de locatie, als de ligplaats niet beschikbaar is vanwege een permanente of tijdelijke wijziging in de fysieke leefomgeving.

Rechtspraak bij dit artikel