De bevoegdheid van de burgemeester om artikel 13b van de Opiumwet toe te passen betreft een discretionaire bevoegdheid. Deze bevoegdheid wordt gebruikt na een belangenafweging. In dit beleid wordt als uitgangspunt genomen dat de belangenafweging doorslaggevend is en de handhavingsmatrix richtinggevend. Het beleid biedt hiermee ruimte om maatwerk te leveren en de toepassing van de bevoegdheid af te stemmen op de specifieke omstandigheden van het geval. De burgemeester kan gemotiveerd afwijken van de sancties zoals deze zijn vastgesteld in deze beleidsregel. Per dossier wordt nadrukkelijk gekeken of volstaan kan worden met de maatregel die genoemd is in de toepasselijke matrix of dat sprake is van een situatie die tot afwijking van de beleidsregel leidt.
Zwaardere maatregel
De maatregelen genoemd in de tabellen zijn het uitgangspunt. In voorkomende gevallen kan de burgemeester gemotiveerd afwijken van het beleid door een zwaardere maatregel te nemen. Dit kan worden afgeleid uit de feiten en omstandigheden van het dossier. Gedacht kan worden (niet limitatief) aan de aanwezigheid van één of meer (vuur)wapen(s)/verboden wapenbezit als bedoeld in de Wet Wapens en Munitie, het aantreffen van vals geld, gestolen goederen, de mate van overlast rondom het pand, een grote hoeveelheid hard- en/of softdrugs, et cetera. Afwijking van dit beleid kan bijvoorbeeld leiden tot het overslaan van een stap uit de handhavingsmatrix.
Lichtere maatregel
De burgemeester handelt overeenkomstig de beleidsregel, tenzij dat voor een of meer belanghebbende(n) gevolgen zou hebben die, wegens bijzondere omstandigheden, onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen (artikel 4:84 Awb). Er moet sprake zijn van zwaarwegende redenen, waarbij het van belang is dat deze omstandigheden zijn onderbouwd met objectieve gegevens/stukken.
Hoofdstuk 5.
Artikel 5.13
Hardheidsclausule
Onderdeel van Beleidsregel artikel 13b Opiumwet (Wet Damocles) gemeente Westerwolde juli 2026