**1..** De raad verstrekt een in de raad vertegenwoordigde fractie voor de duur van de zittingsperiode een financiële bijdrage ter ondersteuning van het functioneren van de fractie. De fracties ontvangen jaarlijks een financiële bijdrage als tegemoetkoming in de kosten voor het functioneren van de fractie. Elke fractie ontvangt € 2.500 plus € 250 per raadslid.
**2..** De fracties besteden de bijdrage om hun volksvertegenwoordigende, kaderstellende en controlerende rol te versterken.
**3..** De bijdrage mag niet gebruikt worden ter bekostiging van:
betalingen ten behoeve van politieke partijen, aan politieke partijen of met politieke partijen verbonden instellingen of natuurlijke personen anders dan ter vergoeding van prestaties (diensten of goederen) geleverd ten behoeve van de fractie;
giften, leningen, beleggingen en voorschotten;
uitgaven die betaald moeten worden van vergoedingen ingevolge de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers;
opleidingen voor individuele raadsleden.
**4..** De bijdrage wordt bij voorschot voor een kalenderjaar uitgekeerd. In een jaar waarin verkiezingen plaatsvinden, wordt het voorschot verstrekt voor de maanden tot en met de maand waarin de verkiezingen plaatsvinden.
**5..** Bij splitsing van een fractie wordt het aan de oorspronkelijke fractie verstrekte voorschot per de eerste dag van de maand na de splitsing verrekend.
**6..** Elke fractie legt, binnen drie maanden na het einde van een kalenderjaar, aan de raad verantwoording af over de besteding van de bijdrage onder overlegging van een verslag met onderliggende betalingsbewijzen.
**7..** De raad stelt de bedragen vast van de uitgaven van een fractie die in het vorige kalenderjaar uit de bijdrage bekostigd zijn en stelt de door de fracties terug te storten bedragen vast.
**8..** Een fractie mag aan het eind van het kalenderjaar een overschot hebben gelijk aan de bijdrage die dat jaar is toegekend. Het meerdere dient te worden teruggestort aan de gemeente.
**9..** Indien een fractie niet meer terugkeert in de raad dient het overschot op de dag van het aftreden van de raad te worden teruggestort aan de gemeente.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.1.
Financiële bijdrage
Onderdeel van Verordening op de commissies en organisatie van de gemeenteraad 2026