**1..** Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raads-, commissie- of burgerlid vergoed:
de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer;
bij gebruik van een eigen auto € 0,35 per afgelegde kilometer, waarvan € 0,23 onbelast;
bij gebruik van eigen auto tevens de parkeer-, veer- en tolkosten.
**2..** Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed.
**3..** Als een raads-, commissie- of burgerlid een functionele beperking heeft, kan voor reizen als bedoeld in het eerste lid, een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed.
**4..** De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfskosten die een raads-, commissie- of burgerlid maakt in verband met reizen buiten het grondgebied ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur worden ten laste van de gemeente vergoed.
Hoofdstuk 8
Artikel 8.2.
Reis- en verblijfkosten raads-, commissie- en burgerleden
Onderdeel van Verordening op de commissies en organisatie van de gemeenteraad 2026