Naar hoofdinhoud
Het ontwikkelkader geldt voor alle ontwikkelingen (nieuwe vestiging, nieuwbouw, transformatie en uitbreiding) van dagattracties die naar verwachting jaarlijks minimaal 150.000 bezoekers trekken (gemiddeld rond de 400 bezoekers per dag) waarvan minimaal 50% toeristen (volgens de definitie van het CBS). Een gemeente kan besluiten om óók voor kleinere ontwikkelingen het expertteam om feedback te vragen en die mee te nemen in het ontwikkelproces, bijvoorbeeld omdat het toch een project met een grote toeristische impact is. Als een project al in het omgevingsplan past, kan de gemeente ook om ondersteuning vragen. Feedback van het expertteam kan dan gebruikt worden om met de ontwikkelaar in gesprek te gaan over hoe het project nog beter aan te laten sluiten bij de MRA strategie toerisme. Dit ontwikkelkader geldt alleen voor zogenaamde dagattracties. Dus niet voor functies als winkels, verblijfsaccommodaties of horeca etc. Dat soort functies worden via andere processen regionaal afgestemd zoals bij verblijfsaccommodaties bijvoorbeeld via het MRA ontwikkelkader verblijfsaccommodaties. Mocht een ontwikkeling een combinatie van functies betreffen zoals bijvoorbeeld de combinatie van een attractie met een hotel dan worden (voor zover ze aan de voorwaarden voldoen) de verschillende functies separaat afgestemd. De ondernemer wordt gevraagd om in zijn plan een inschatting te doen van het aantal bezoekers en hun origine. Als de inschatting de ondergrens voor regionale afstemming niet overschrijdt en als de gemeente het onderzoek gedegen vindt dan hóeft een gemeente het plan niet regionaal af te stemmen, echter mág zij besluiten om dat alsnog te doen. Resumerend: Een project móet door de gemeente regionaal afgestemd worden als het aan de twee voorwaarden (bezoekers en aandeel toeristen) voldoet. Een project mág door de gemeente regionaal afgestemd worden als het aan één of geen van de voorwaarden voldoet.

Rechtspraak bij dit artikel