1. Het subsidieplafond voor de subsidieverstrekking wordt jaarlijks vastgesteld door het college. Deelplafonds worden vastgesteld voor:
Activiteiten zoals bedoeld in artikel 4, eerste lid onder b, c en d en derde lid.
Activiteiten zoals bedoeld in artikel 4, eerste lid onder a
Activiteiten zoals bedoeld in artikel 4, tweede en vierde lid.
2. Indien het bedrag waarvoor op grond van deze regeling subsidie zou moeten verleend, groter is dan het op grond van het eerste lid vastgestelde subsidieplafond, verdeelt het college het subsidieplafond:
voor activiteiten als bedoeld in het eerste lid, onder a en b, evenredig over de ingediende aanvragen, en
voor activiteiten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, op volgorde van ontvangst van volledige aanvragen, totdat het voor de betrokken subsidie vastgesteld subsidieplafond is bereikt.
3. In het geval dat het deelplafond zoals genoemd in het eerste lid, onder a of b, na beoordeling van de tijdig ingediende aanvragen niet bereikt is, kan het college besluiten het restant subsidieplafond te publiceren voor nieuwe aanvragen of deze toe te voegen aan een ander deelplafond. Wordt het restant subsidieplafond voor nieuwe aanvragen voor jaarlijkse subsidie vastgesteld dan is de aanvraagtermijn uit artikel 9, derde lid, en de beslistermijn uit artikel 10, tweede lid, van toepassing.
Artikel 7
Subsidieplafonds
Onderdeel van Subsidieregeling gebiedsgericht werken in actiegebieden gemeente Eindhoven