Naar hoofdinhoud

Artikel 7.

Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering

Onderdeel van Verordening Jeugdhulp 2026 gemeente Epe

1.. Het college informeert jeugdigen en/of ouder(s)/verzorger(s) in begrijpelijke bewoordingen over de rechten en plichten die aan het ontvangen van een individuele voorziening of pgb zijn verbonden en over de mogelijke gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet. 2.. Het college kan op grond van artikel 8.1.4, eerste lid, Jeugdwet een beslissing intrekken of herzien als het college vaststelt dat: de jeugdige of zijn ouder(s)/verzorger(s) onjuiste of onvolledige gegevens hebben versterkt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid; de jeugdige of zijn ouder(s)/verzorger(s) niet langer op de individuele voorziening of het daarmee samenhangende pgb zijn aangewezen; de individuele voorziening in natura of in de vorm van een pgb niet meer toereikend is te achten; de jeugdige of zijn ouder(s)/verzorger(s) niet voldoen aan de voorwaarden die zijn verbonden aan de individuele voorziening in natura of in de vorm van een pgb de jeugdige of zijn ouder(s)/verzorger(s) het pgb niet of voor een ander doel gebruiken dan waarvoor het bestemd is; 3.. Een beslissing tot verlening van een pgb kan na heronderzoek door het college worden ingetrokken als blijkt dat het pgb binnen zes maanden na toekenning niet is gebruikt voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden. 4.. Een beslissing tot toekenning van een voorziening in natura kan worden ingetrokken als blijkt dat de jeugdige of zijn ouder(s)/verzorger(s) zich niet binnen zes maanden na de besluitdatum hebben gemeld bij een jeugdhulpaanbieder. 5.. Als het college een beslissing heeft herzien of ingetrokken op grond van het tweede lid onder a, dan kan het college de geldschade vorderen van de te veel of ten onrechte genoten individuele voorziening in natura of het te veel of ten onrechte genoten pgb. 6.. Als het college een beslissing op grond van het tweede lid, onder a, heeft ingetrokken, kan het college bij dwangbevel geheel of gedeeltelijk het ten onrechte genoten pgb invorderen. 7.. Het college kan de Sociale Verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken om betalingen uit het pgb voor ten hoogste dertien weken geheel of gedeeltelijk op te schorten als duidelijk is dat de jeugdige en/of zijn ouder(s)/verzorger(s) het pgb in die periode anders ten onrechte kunnen inzetten. Het college kan de SVB gemotiveerd verzoeken deze termijn te verlengen. 8.. Het college kan uit het oogpunt van kwaliteit van de geleverde zorg, al dan niet steekproefsgewijs, de bestedingen van pgb’s onderzoeken. 9.. Het college wijst een toezichthouder aan die belast is met het houden van toezicht op de algemene voorwaarden voor de inkoop Jeugd en de naleving van rechtmatige uitvoering hiervan, waaronder de bestrijding van misbruik, oneigenlijk gebruik en niet-gebruik van de voorziening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel