Naar hoofdinhoud

Artikel 2.2

Provinciaal beleid

Onderdeel van Schuilstallenbeleid gemeente Breda

Het provinciale beleid is vastgelegd in de Omgevingsverordening Noord-Brabant. De provincie gebruikt in plaats van het woord 'schuilstal' de term 'schuilhut'. Het provinciale kader ziet op meer dan alleen schuilstallen; daarom zijn de relevante passages hieronder integraal opgenomen. Het provinciale kader noemt specifiek paarden. Dit gemeentelijke beleidskader is dierneutraal en kan worden toegepast op verschillende (hobbymatig gehouden) dieren. Artikel 5.59 Maatwerk voor stedelijke functies in kernrandzones (versie januari 2025) Als er sprake is van een kernrandzone of een daarmee qua karakter gelijk te stellen gebied, kan een omgevingsplan ter plaatse van Landelijk gebied in afwijking van Artikel 5.8, eerste lid, onder a, voorzien in: 2: voorzieningen voor veldsporten, volkstuinen, schuilhutten en andere kleinschalige vrije-tijdsvoorzieningen als: dit past binnen de gewenste ontwikkelingsrichting van het gebied, bedoeld in Artikel 5.12; het omgevingsplan borgt dat de beoogde ontwikkeling beperkt blijft tot kleinschalige bebouwing of -voorziening; de publieksaantrekkende werking beperkt is; en bij een nieuwe bouwactiviteit, elders een gelijkwaardige oppervlakte bebouwing, feitelijk en juridisch is gesaneerd. Toelichting op artikel 5.59 Maatwerk voor stedelijke functies in kernrandzones Nieuwvestiging kleinschalige voorzieningen In de praktijk blijkt dat er behoefte bestaat aan een mogelijkheid voor nieuwvestiging van kleinschalige voorzieningen in kernrandzones of daarmee qua ligging en functie gelijk te stellen gebieden. Dit soort kleinschalige voorzieningen is vaak gerelateerd aan een stedelijke omgeving, zoals sportvelden, volkstuinen, schuilhutten etc. Voorwaarde is dat deze voorzieningen gepaard gaan met beperkte bebouwing en dat de publiek aantrekkende werking beperkt is. Daarom zijn -al dan niet verenigingsgebonden- horeca-activiteiten (alcoholische drankverstrekking en fast-service e.d.) ongewenst. Om te voorkomen dat er ingevolge deze verordening een bestaand bouwperceel ontstaat waar vestiging van andere functies mogelijk wordt, geldt als maximale oppervlakte van de bebouwing 90 m2. Een omgevingsplan borgt dat de omvang van de bebouwing, inclusief het toelaten van vergunningvrije bouwwerken, daarvoor beperkt blijft. Schuilhutten zijn soms gewenst in verband met het hobbymatig houden van paarden. Binnen een toegekende woonbestemming is het niet altijd mogelijk hiervoor een voorziening te treffen. Het gaat nadrukkelijk niet om voorzieningen ten behoeve van een agrarisch bedrijf. Voor gebouwen en bouwwerken ten behoeve van een agrarisch bedrijf geldt dat daarvoor ruimte aanwezig is binnen het toegekende bouwperceel en dat alle voorzieningen voor het agrarisch bedrijf ook binnen dat bouwperceel geconcentreerd worden. Bij het oprichten van nieuwe bebouwing is om de steeds verdergaande verstening van het landelijk gebied tegen te gaan, als voorwaarde gesteld dat elders een gelijkwaardige oppervlakte aan bebouwing feitelijk en juridisch is gesaneerd. De provinciale regels voor het oprichten van schuilhutten zijn in de huidige verordening strenger dan de voorwaarden die de gemeente Breda in dit beleid hanteert. De Omgevingsverordening Noord-Brabant heeft echter rechtstreekse werking en moet daarom altijd worden betrokken bij de beoordeling. Omdat de Omgevingsverordening Noord-Brabant een dynamisch document is, zijn de provinciale regels wel toetsingskader, maar niet één-op-één overgenomen. Hierdoor hoeft dit beleid niet telkens te worden aangepast wanneer provinciale regels wijzigen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel