**1..** De subsidie heeft uitsluitend betrekking op de redelijkerwijs gemaakte kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college direct zijn verbonden met en noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een activiteit als bedoeld in artikel 1:4.
**2..** Niet voor subsidie in aanmerking komen:
de kosten waarvoor een andere subsidieregeling van kracht is of die op een andere wijze door het college of vanuit de gemeente worden gefinancierd;
de verrekenbare BTW over de gesubsidieerde kosten;
restwaardes van specifiek voor de subsidiabele activiteiten aangeschafte apparatuur;
de kosten voor catering en consumpties, die geen onderdeel zijn van geprogrammeerde activiteiten zoals bedoeld onder artikel 1:4, eerste lid, onder b en d, die hoger zijn dan 2,5% van het totale subsidiebedrag;
de kosten voor het opdoen van kennis, wanneer gebruik gemaakt kan worden van trainingen die kosteloos worden aangeboden;
de kosten voor de waardering van vrijwilligers die hoger zijn dan € 25,00,- per vrijwilliger per jaar en de kosten die meer zijn dan € 8.400,00,- per aanvraag;
de kosten voor de reis- en onkostenvergoedingen van vrijwilligers wanneer deze naar het oordeel van het college niet redelijkerwijs noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van de activiteit;
de kosten voor andere vergoedingen aan vrijwilligers dan de vergoedingen als bedoeld onder f en g;
de kosten voor de verzekering en de Verklaringen Omtrent het Gedrag van vrijwilligers;
de kosten die de aanvrager maakt voor aanschaf van gebouwen en buitenterreinen.
Hoofdstuk
Artikel 1:6
Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
Onderdeel van Subsidieregeling ontmoetingscentra Zuidwest Den Haag 2026