Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3:

Artikel 3.5

Aanvullende criteria voor Maatschappelijke Opvang

Onderdeel van Verordening Wet maatschappelijke ondersteuning 2026 gemeente Epe

1.. Ten aanzien van Maatschappelijke Opvang geldt dat een inwoner alleen hiervoor in aanmerking komt als deze: feitelijk dakloos is; beperkt redzaam is op meerdere door het college aan te wijzen leefgebieden; niet beschikt over alternatieven die de situatie van feitelijke dakloosheid op kunnen heffen. 2.. Het college treft algemene voorzieningen in de vorm van dag- en nachtopvang voor diegenen die hun thuissituatie hebben verlaten en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Dit dient te gebeuren met inachtneming van het Convenant Landelijke Toegankelijkheid Maatschappelijke Opvang; 3.. Na toelating tot een voorziening voor Maatschappelijke Opvang is iedere deelnemer verplicht om zo snel als mogelijk, maar uiterlijk binnen twee weken, deel te nemen aan een traject aan begeleiding gericht op zelfredzaamheid, participatie en uitstroom uit de opvang. 4.. Indien de deelnemer in staat is om deel te nemen aan het traject zoals aangegeven in het derde lid, maar dit blijft weigeren zonder een deugdelijke motivering, kan het college de toegang tot Maatschappelijke Opvang vanaf dat moment weigeren.

Rechtspraak bij dit artikel