De hoogte van het pgb hangt af van of er sprake is van formele hulp en informele hulp, en in hoeverre aan de kwaliteitseisen wordt voldaan. Deze zijn beschreven in artikel 4.3 en 4.4 van de verordening. In artikel 4.5 eerste lid is per type hulpverlener de maximale hoogte van het budget aangegeven. Het tarief voor zzp’er is lager dan voor zorginstellingen, omdat zzp’ers minder overheadkosten hebben.
Voor het sociaal netwerk wordt er minimaal een tarief gelijk aan het minimumloon toegekend. Als een persoon die een sociale relatie heeft met de cliënt hulp biedt, mag hier iets tegenover staan, maar een professioneel tarief is hierbij niet passend. Dit geldt ook als de hulpverlener een professionele zorgverlener is. De relatie met de cliënt is leidend voor het bepalen van het tarief en niet de achtergrond van de hulpverlener.
Zzp bij huishoudelijke hulp
In de inkoop van huishoudelijke hulp worden ook zzp’ers gecontracteerd. Dit is voor een dienst als huishoudelijk hulp een passende vorm. Het zzp-tarief in de inkoop is lager dan het tarief voor zorginstellingen. Om die reden wordt bij de inzet van een zzp’er in de vorm van een pgb het gecontracteerde zzp-tarief aangehouden. Dat betekent dat 100% van het bepaalde zzp-tarief in de inkoop van toepassing is op zzp’ers die via een pgb hulp verlenen.
H 4. › Paragraaf 4.4
Artikel 4.5
in de verordening
Onderdeel van Uitvoeringbesluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Son en Breugel 2026