Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2: › Paragraaf 2.1

Artikel 2:8.

Wijzigen of intrekking aanwijzing als gemeentelijk archeologisch monument

Onderdeel van Erfgoedverordening Gemeente Brunssum 2026

1.. Het college kan ten aanzien van gemeentelijke archeologische monumenten of voorlopige gemeentelijke archeologische monumenten al dan niet op aanvraag van een belanghebbende wijzigen aanbrengen in het gemeentelijk erfgoedregister. 2.. Bij toepassing van lid 1 zijn de artikelen 2:3 tot en met 2:6 van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat voor aanwijzing wordt gelezen wijzigingsbesluit of intrekking van de aanwijzing. 3.. Indien de wijziging naar oordeel van het college van ondergeschikte betekenis is, blijft overeenkomstige toepassing als bedoeld in lid 2 achterwege. 4.. Het college kan voorwaarden verbinden aan de wijziging of intrekking van de aanwijzing. 5.. De wijziging of intrekking wordt schriftelijk medegedeeld aan alle zakelijk gerechtigden. 6.. Een aanwijzing vervalt met ingang van de dag dat het gemeentelijk archeologisch monument waarop de aanwijzing betrekking heeft is ingeschreven in het rijksmonumentenregister of een provinciale erfgoedverordening als bedoeld in artikel 3.17, eerste lid, van de Erfgoedwet. Het vervallen van de aanwijzing wordt onverwijld bijgehouden in het gemeentelijk erfgoedregister.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel