Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3: › PARAGRAAF 3.2

Artikel 3:10.

Omgevingsvergunning gemeentelijk monument

Onderdeel van Erfgoedverordening Gemeente Brunssum 2026

1.. Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het college een gemeentelijk monument: te slopen, te verstoren, te verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen, of; te herstellen, te restaureren, te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht. 2.. Het eerste lid is niet van toepassing op: de uitvoering van normaal onderhoud, voor zover detaillering, profilering, vormgeving, materiaalsoort en kleur van het monument niet wijzigen, en voor zover de aanleg van een tuin, park of andere aanleg, niet wijzigt, of; inpandige veranderingen van het gemeentelijk monument voor zover op voorhand middels een bouwhistorisch onderzoek is aangetoond het een onderdeel betreft dat vanuit het oogpunt van monumentenzorg een indifferente of storende waarde heeft; het binnen een monument als begraafplaats in gebruik is met in achtneming van de monumentale waarden: plaatsen van grafmonumenten, met inbegrip van het tijdelijk verwijderen daarvan en het bijwerken van het opschrift; doen van begravingen of asbijzettingen, of; ruimen van graven waarvan het grafmonument niet is beschermd als gemeentelijk monument. 3.. Het college kan in het belang van de monumentenzorg nadere regels stellen met betrekking tot de uitvoering van werkzaamheden aan een gemeentelijk monument. Deze regels kunnen mede inhouden wanneer en onder welke voorwaarden een vrijstelling van het verbod, bedoeld in het eerste lid, kan worden verleend of een plicht tot het melden van handelingen bedoeld in het tweede lid, kan worden opgelegd. 4.. Het college kan nadere gegevens eisen ten behoeve van de beoordeling van de aanvraag omgevingsvergunning.

Rechtspraak bij dit artikel